|
Deze folder geeft u een globaal overzicht van de klachten en de behandeling van het perifeer (slagaderlijk) arterieel vaatlijden. Het is goed u te realiseren dat voor u persoonlijk de situatie anders kan zijn dan beschreven.
WAT IS ER AAN DE HAND ?
Er is bij u een afwijking in een van de slagaders vastgesteld. Deze afwijking is het gevolg van de afzetting van vet in de wand en verkalking van de wand van de slagader. Dit proces noemen we atherosclerose (slagaderverkalking).
ATHEROSCLEROSE
Atherosclerose wordt eigenlijk ten onrechte aderverkalking genoemd, omdat het juist de slagaders beschadigt. Het is een verzamelnaam voor allerlei processen in de slagaderwand (arteriewand) waardoor deze wand tenslotte verkalkt en verhardt (=sclerose) . Atherosclerose is een verouderingsproces van de slagaders, dat al na het twintigste levensjaar op gang komt.De oorzaak van atherosclerose is niet precies bekend. Wel is duidelijk dat de aanwezigheid van bepaalde risicofactoren het proces van slagaderverkalking aanzienlijk kan versnellen. Sommige factoren hebben een directe schadelijke invloed op de vaatwand, zoals roken en een hoog cholesterolgehalte. Bij andere factoren, zoals erfelijke aanleg, is het nog niet duidelijk waarom zij de kans op het ontstaan van slagaderverkalking vergroten.
RISICOFACTOREN Risicofactoren die een rol spelen in het proces van atherosclerose zijn: Roken Hoge
bloeddruk Diabetes
mellitus Cholesterol Overgewicht en te weinig
bewegen Geslacht Hart -en vaatziekten in de
familie
KLACHTEN EN VERSCHIJNSELEN VAN ATHEROSCLEROSE
Atherosclerose kan in elke slagader van het lichaam voorkomen. De klachten en verschijnselen zijn afhankelijk van de plaats, ernst en duur van de atherosclerose. Meestal leidt atherosclerose tot vernauwing of zelfs totale afsluiting van de slagader. Het kan echter ook een verzwakking van de wand van de slagader veroorzaken, die dan ten gevolge van de (hoge) bloeddruk te wijd wordt (aneurysmavorming, zie de folder). Deze twee verschillende afwijkingen kunnen ook samen voorkomen.
VERNAUWING OF AFSLUITING VAN EEN SLAGADER
Een vernauwing of afsluiting van een slagader heeft tot gevolg dat er minder bloed kan stromen naar de weefsels die van dat bloedvat afhankelijk zijn en die daardoor te weinig bloed (en daarmee te weinig zuurstof) krijgen. Weefsel dat te weinig zuurstof krijgt kan door verzuring pijn geven of zelfs afsterven. Dit laatste noemt men een infarct. Het gevolg van verzuring is, als het een slagader naar een been betreft, dat na een klein stukje lopen pijn optreedt in de kuit. Na wat rusten verdwijnt de pijn en kan er weer een stukje gelopen worden (claudicatio intermittens). Kijk voor meer informatie in de folder etalagebenen. Uiteindelijk kan het zo zijn dat er nog maar zo weinig bloed naar het been stroomt, dat er al in rust pijn in het been optreedt. Bij vernauwing van de kransslagaders van het hart treedt pijn op de borst op bij inspanning (angina pectoris). Wordt de vernauwing erger of de inspanning te veel, dan kan zelfs een hartinfarct ontstaan. Wanneer het een vernauwing van een halsslagader betreft, kunnen er bijvoorbeeld spraakstoornissen, blindheid of verlammingen optreden, die meestal van voorbijgaande aard zijn, maar ook blijvend kunnen zijn (herseninfarct). Kijk voor meer informatie in de folder vernauwde halsslagader. Behalve een vernauwing of een afsluiting van een slagader kan arteriosclerose ook een embolie veroorzaken. Er breekt dan een stukje van de verkalkte plaques (embolie) los, dat wordt meegevoerd naar een kleiner bloedvat verder stroomafwaarts. Dat kleinere bloedvat kan dan plotseling door de embolie worden afgesloten, waardoor het lichaamsdeel of orgaan, dat daarvan afhankelijk is, geen of onvoldoende bloed krijgt.
ANEURYSMA VORMING
Kijk voor meer informatie in de folder aneurysma van de aorta. Aneurysmavorming is een plaatselijke verwijding van een slagader. Op de plaats van de verwijding is de vaatwand uitgerekt en dunner geworden, met als risico dat in deze zwakke plek van de vaatwand een scheur kan ontstaan met als gevolg een bloeding. Hoe groter het aneurysma, hoe groter het risico. Een aneurysma ontstaat ongemerkt en groeit geleidelijk. Het kan in elke slagader in het lichaam voorkomen, maar komt het meeste voor in de grote lichaamsslagader (de aorta). Meestal veroorzaakt een aneurysma geen ernstige klachten en wordt het bij toeval ontdekt. Wanneer er een aneurysma van een slagader wordt ontdekt, dan kan een operatie nodig zijn. Ook is in een aneurysma de bloedstroom verstoord, het bloed wervelt in de plaatselijke verwijding. Daardoor vormt zich in het aneurysma een bloedstolsel. Een enkele keer kan een stukje van dit stolsel los raken en plotseling een afsluiting veroorzaken in een slagader verder stroomafwaarts (embolie).
ONDERZOEK
Om de mate van vernauwing en de exacte lokalisatie vast te stellen zijn enkele onderzoeken noodzakelijk. Veelal zal dit in eerste instantie een onderzoek in het vaatlaboratorium zijn. Kijk voor meer informatie in de folder over het vaatonderzoek: doppler, duplex en looptest. Wanneer een vernauwing behandeling behoeft kan een röntgencontrastonderzoek van de slagaders worden verricht. Kijk voor meer informatie in de folder angiografie. Voor het opsporen van een aneurysma is een echografie het onderzoek van keuze.
BEHANDELING
Atherosclerose kan niet genezen. De behandeling van de risicofactoren heeft ten doel het proces stop te zetten en verergering van klachten te voorkomen. In het algemeen wordt een gezonde leefwijze aangeraden: •Stoppen met roken is het allerbelangrijkste. •Gezond eten: minder vet en koolhydraten. Met name verzadigde vetzuren (roomboter, vlees en kaas) verhogen het cholesterolgehalte in het bloed. Het is beter het gebruik hiervan te beperken en te vervangen door onverzadigde vetzuren (plantaardige vetten, olijfolie en vis). •Het gebruiken van grote hoeveelheden koolhydraten (zetmeel en suikers) kan ook leiden tot een verhoging van het cholesterolgehalte in het bloed. •Meer lichaamsbeweging en afvallen bij overgewicht. •een conservatieve behandeling •dotteren •een operatieve behandeling.
De conservatieve behandeling. Allereerst richt dit zich op verdere beperking van de risicofactoren zoals reeds genoemd. Wanneer de vernauwing niet ernstig van aard is kan met looptraining en eventueel het gebruik van bloedverdunnende medicijnen de situatie aanzienlijk verbeteren.
Dotteren
De operatieve behandeling
|
|
||
| Bron: Vereniging voor Heelkunde |
2010 |
||
|
|
|
|
|
| 31-12-2010 (JRM) - www.huidziekten.nl |
|
||