|
RAPTIVA
(EFALIZUMAB)
Raptiva (efalizumab) 100 mg/ml poeder en oplosmiddel voor oplossing voor injectie
Lees de hele bijsluiter zorgvuldig door voordat u start met het gebruik van dit
geneesmiddel.
- Bewaar deze bijsluiter. Het kan nodig zijn om deze nogmaals door te lezen.
- Heeft u nog vragen, raadpleeg dan uw arts of apotheker.
- Dit geneesmiddel is aan u persoonlijk voorgeschreven. Geef dit geneesmiddel
niet door aan anderen. Dit geneesmiddel kan schadelijk voor hen zijn, zelfs als
de verschijnselen dezelfde zijn als waarvoor u het geneesmiddel heeft gekregen.
- Wanneer een van de bijwerkingen ernstig wordt of in geval er bij u een
bijwerking optreedt die niet in de bijsluiter is vermeld, raadpleeg dan uw arts
of apotheker.
In deze bijsluiter:
1. Wat is Raptiva en waarvoor wordt het gebruikt
2. Wat u moet weten voordat u Raptiva gebruikt
3. Hoe wordt Raptiva gebruikt
4. Mogelijke bijwerkingen
5. Hoe bewaart u Raptiva
6. Aanvullende informatie
1. WAT IS RAPTIVA EN WAARVOOR WORDT HET GEBRUIKT?
Raptiva is een systemisch geneesmiddel bij psoriasis. Systemische therapieën zijn geneesmiddelen die worden ingenomen of via een injectie worden toegediend
en op die manier aanwezig zullen zijn en invloed zullen hebben in het hele
lichaam.
Raptiva is een geneesmiddel dat efalizumab bevat, een stof die is gemaakt met
behulp van biotechnologie. De stof wordt geproduceerd door genetisch
gemodificeerde zoogdiercellen. Efalizumab is een monoklonaal antilichaam.
Monoklonale antilichamen zijn eiwitten die andere, specifieke eiwitten in het
menselijk lichaam herkennen en zich daaraan binden. Efalizumab remt het
ontstekingsproces in de psoriasis plekken, waardoor een verbetering van de
aangedane delen van de huid optreedt.
Toepassing
Behandeling van volwassen patiënten met matige tot ernstige chronische plaque
psoriasis die geen respons hebben gegeven op andere systemische therapieën
inclusief ciclosporine, methotrexaat en PUVA, of die deze niet mogen gebruiken
of deze niet kunnen verdragen.
Deze beperking van de toepassing van Raptiva is gebaseerd op de huidige
werkzaamheidgegevens en de beperkte lange termijn ervaring met Raptiva.
2. WAT U MOET WETEN VOORDAT U RAPTIVA GEBRUIKT
Vraag uw arts of apotheker altijd om advies voordat u een geneesmiddel gaat
gebruiken.
Gebruik Raptiva niet
- Als u allergisch (overgevoelig) bent voor efalizumab of voor een van de andere
bestanddelen van Raptiva.
- Wanneer u een of andere vorm van kanker heeft of heeft gehad.
- Wanneer u een actieve vorm van tuberculose of een andere ernstige infectie
heeft. Verschijnselen die kunnen wijzen op het bestaan van een infectie zijn
koorts, open wonden, vermoeidheid, problemen met het gebit, hoestklachten die
langer dan twee weken bestaan, pijn in de borstkas of ophoesten van slijm of
bloed.
- Wanneer u een andere vorm van psoriasis heeft dan plaque psoriasis
(bijvoorbeeld andere
ernstigere vormen van psoriasis, zoals uw arts heeft vastgesteld).
- Wanneer bij u de diagnose is vastgesteld dat u een afwijking in uw
immuunsysteem heeft.
Het is belangrijk dat u uw arts informeert wanneer u een van de bovengenoemde
klachten heeft of heeft gehad.
Wees extra voorzichtig met Raptiva
- Als u verschijnselen krijgt die wijzen op overgevoeligheid of een allergische
reactie, zoals jeuk over het gehele lichaam, netelroos, rood worden van de huid
of uitslag, dient u meteen uw arts op de hoogte te brengen of naar de
eerste-hulpafdeling van een ziekenhuis te gaan.
- U kunt vatbaarder zijn voor infecties. Als u verschijnselen van een mogelijke
infectie krijgt of wanneer u twijfelt moet u contact opnemen met uw arts.
Hij/zij kan u onder controle houden terwijl de behandeling wordt voortgezet of
besluiten de toediening van Raptiva te staken.
- Neem meteen contact op met uw arts indien tijdens een behandeling met Raptiva
kanker bij u wordt vastgesteld. Uw arts bepaalt of het noodzakelijk is de
toediening van Raptiva te staken.
- Als u klachten of verschijnselen krijgt tijdens de behandeling die kunnen
wijzen op bloedarmoede (een afname van rode bloedcellen die de huid bleek kan
maken en zwakte of kortademigheid kan veroorzaken), dan moet u meteen contact
opnemen met uw arts. Hij/zij kan bepalen of het noodzakelijk is om de toediening
van Raptiva te staken.
- Sommige patiënten hebben gedurende een dag of twee na ieder van de eerste twee
injecties klachten als hoofdpijn, koorts, misselijkheid en braken. De ernst van
deze klachten varieert meestal van licht tot matig. Neem contact op met uw arts
wanneer dit soort verschijnselen na de tweede toediening niet verdwijnt.
- Als u de behandeling abrupt stopt kan de psoriasis aanzienlijk verergeren. Uw
arts kan u desgewenst onder controle houden en u zonodig op een andere manier
behandelen.
- Als u een verergering van de psoriasis bemerkt of als u artritis ontwikkelt,
informeer dan uw arts. Hij/zij zal dan bepalen of de behandeling met Raptiva
gestaakt moet worden of voortgezet moet worden met meer observatie.
- Let op wanneer u ingeënt moet worden, overleg dan met uw arts. Tijdens een
behandeling met Raptiva mogen bepaalde vaccins niet worden toegediend. Het kan
noodzakelijk zijn om de behandeling met Raptiva 8 weken voor de inenting te
staken.
- Als uw gewicht plotseling verandert, raadpleeg dan uw arts. Hij zal de juiste
dosering berekenen op basis van uw nieuwe gewicht.
Informeer uw arts wanneer u een verminderde nier- of leverfunctie heeft.
Gebruik in combinatie met andere geneesmiddelen
Vertel uw arts of apotheker wanneer u andere geneesmiddelen gebruikt kort
geleden heeft gebruikt,
Dit geldt ook voor geneesmiddelen die u zonder recept kunt krijgen.
Neem contact op met uw arts wanneer u van plan bent om een inenting te krijgen
(zie Wees extra voorzichtig met Raptiva).
Wanneer u Raptiva gebruikt, kunt u kwetsbaarder zijn voor infecties (zie Wees
extra voorzichtig met Raptiva). Dit effect kan vergroot worden door andere
geneesmiddelen die worden gebruikt om psoriasis te behandelen en die u ook
kwetsbaarder maken voor infecties. Neem contact op met uw arts wanneer u andere
geneesmiddelen krijgt om uw psoriasis te behandelen.
Raptiva kan worden gebruikt in combinatie met corticosteroïden voor lokale
toediening.
Zwangerschap
Het is niet bekend of Raptiva schadelijk kan zijn voor een ongeboren baby, en
evenmin of het gebruik van dit middel tot een vermindering van de vruchtbaarheid
leidt. Neem meteen contact op met uw arts wanneer u zwanger bent.
Vrouwen in de vruchtbare leeftijd wordt aangeraden om gedurende een behandeling
met Raptiva niet zwanger te worden en om adequate anticonceptiemaatregelen te
nemen.
Borstvoeding
Het is mogelijk dat efalizumab met de moedermelk wordt uitgescheiden. Wanneer u
borstvoeding
geeft tijdens een behandeling met Raptiva dient u in overleg met uw arts de
borstvoeding te staken of te stoppen met het gebruik van Raptiva.
Rijvaardigheid en het gebruik van machines
Aangenomen wordt dat Raptiva geen invloed heeft op de rijvaardigheid en het
vermogen om machines te bedienen.
3. HOE WORDT RAPTIVA GEBRUIKT?
Volg bij gebruik van Raptiva nauwgezet het advies van uw arts. Raadpleeg bij
twijfel uw arts of apotheker.
Dosering voor volwassenen (18 - 64 jaar) en ouderen (> 65 jaar)
De gebruikelijks startdosering is een injectie van 0,7 mg/kg, gevolgd door
eenmaal per week een injectie van 1,0 mg/kg. Uw arts zal u informeren hoeveel u
moet injecteren. De duur van de behandeling is 12 weken. De behandeling kan
uitsluitend voortgezet worden bij patiënten die een respons vertonen op de
behandeling, uw arts zal met u de omvang van uw respons op de behandeling
bespreken.
Wijze van gebruik en toedieningsweg
Raptiva wordt vlak onder de huid ingespoten (subcutaan). De injectiespuit is
voor eenmalig gebruik. De injecties kunnen door de patiënt zelf worden
toegediend of door iemand anders, bijvoorbeeld een gezinslid of de huisarts. De
behandeling met Raptiva moet zo lang worden voortgezet als uw arts voorschrijft.
De injectieflacon met poeder is bedoeld om te worden gereconstitueerd (gemengd)
met het oplosmiddel.
Als u Raptiva gaat toedienen moet u onderstaande instructies zorgvuldig lezen en
deze stap voor stap opvolgen:
- Was uw handen. Het is belangrijk dat uw handen zo schoon mogelijk zijn.
- Leg alles wat u nodig heeft op een schone ondergrond klaar:
- een injectieflacon met Raptiva-poeder
- een voorgevulde injectiespuit met het oplosmiddel
- twee alcoholdoekjes
- een naald voor het mengen en een naald voor de subcutane injectie, en
- een naaldencontainer.
- Verwijder de beschermkapjes van de injectieflacon met Raptiva en van de
voorgevulde injectiespuit met oplosmiddel. Maak de bovenkant van de
injectieflacon schoon met een alcoholdoekje. Draai de naald voor het mengen op
de voorgevulde injectiespuit, plaats de injectieflacon met Raptiva rechtop op
een stevige ondergrond en prik de rubber dop van de injectieflacon voorzichtig
door met de naald. Spuit al het oplosmiddel langzaam in de injectieflacon met
Raptiva. Beweeg de injectieflacon langzaam in het rond zonder de injectiespuit
te verwijderen. Niet schudden! (Door schudden ontstaat schuim in de
Raptiva-oplossing). In de regel lost het poeder binnen vijf minuten op.

- Controleer, nadat al het poeder is opgelost, of de oplossing deeltjes bevat en
de goede kleur
heeft. De oplossing moet helder tot lichtgeel zijn en er mogen geen deeltjes
zichtbaar zijn.
- Er mogen geen andere geneesmiddelen aan de Raptiva-oplossing worden toegevoegd
en Raptiva mag niet in andere vloeistoffen worden opgelost.
- Houd de injectieflacon ondersteboven en zuig de oplossing in de injectiespuit.
Zorg dat de punt van de naald niet boven de vloeistof uitsteekt en zuig meer
vloeistof op dan de hoeveelheid die moet worden toegediend. In de injectieflacon
kan wat schuim of een hoeveelheid belletjes achterblijven.
- Controleer of de injectiespuit geen luchtbellen bevat terwijl de naald nog in
de injectieflacon steekt. Tik voorzichtig tegen de injectiespuit waardoor
eventueel aanwezige belletjes opstijgen naar de punt van de injectiespuit, onder
de naald. Druk de zuiger voorzichtig in totdat de injectiespuit precies de
hoeveelheid oplossing bevat die moet worden ingespoten. Hierdoor verdwijnen ook
alle luchtbelletjes uit de spuit. Trek de naald uit de injectieflacon en vervang
deze door de injectie naald.
- Dien de oplossing meteen toe. Uw arts of verpleegkundige heeft u al aangewezen
waar de injectie moet plaatsvinden. Zelfinjectie vindt meestal plaats in de bil,
de dij, de buik of de bovenarm. De plaats van de injectie moet steeds worden
afgewisseld. Reinig de gekozen plaats met een alcoholdoekje. Pak de huid stevig
vast en prik de naald onder een hoek van 45 tot 90º in de huid met een beweging
alsof u een dartspijltje gooit. Spuit de vloeistof onder de huid, zoals u is
geleerd. Spuit nooit direct in een bloedvat. Trek de zuiger voorzichtig terug
als de naald door de huid is gestoken. Als hierbij bloed in de injectiespuit
komt is de naald in een bloedvat gestoken. Spuit de oplossing dan niet in maar
trek de naald uit de huid en herhaal de injectie procedure. De oplossing moet
worden ingespoten door de zuiger voorzichtig in te drukken. Neem rustig de tijd
om alle vloeistof in te spuiten. Trek daarna de naald uit de huid en reinig de
huid met een alcoholdoekje. Maak daarbij een draaiende beweging.
- Gooi al het gebruikte materiaal weg zodra u klaar bent met de injectie. Doe de
naalden en al het glaswerk in een naaldencontainer. Gooi alle eventueel
overgebleven oplossing weg.
Wat u moet doen als u meer van Raptiva heeft gebruikt dan u zou mogen
Als u meer Raptiva heeft toegediend dan uw arts heeft voorgeschreven, neem dan
contact op met uw arts of apotheker. Het wordt aanbevolen dat u gecontroleerd
wordt op tekenen en verschijnselen van bijwerkingen, zodat direct een op deze
tekenen en verschijnselen gerichte behandeling kan worden ingesteld.
Wat u moet doen wanneer u bent vergeten Raptiva te gebruiken
Neem geen dubbele dosis om een vergeten dosis in te halen.
Neem contact op met uw arts wanneer u twee of meer doses Raptiva vergeten bent
toe te dienen.
Als u stopt met het gebruik van Raptiva
Wanneer u een behandeling met Raptiva abrupt staakt zonder dat er een andere
behandeling voor in de plaats komt, kan uw psoriasis aanzienlijk verergeren
(zie: Speciale aandachtspunten tijdens het gebruik van Raptiva).
Wanneer herbehandeling met Raptiva noodzakelijk is, dient u de aanwijzingen van
uw arts te volgen. Herbehandeling kan gepaard gaan met een mindere of
onvoldoende respons op Raptiva dan in eerdere behandelperiodes. De therapie moet
uitsluitend voortgezet worden wanneer een voldoende respons waargenomen wordt.
Uw arts zal u adviseren wat u moet doen wanneer er sprake is van een onvoldoende
response op de behandeling of wanneer er sprake is van verergering van uw ziekte
(zie Wees extra voorzichtig met Raptiva)
Als u nog vragen heeft over het gebruik van dit product, vraag dan uw arts of
apotheker.
4. MOGELIJKE BIJWERKINGEN
Zoals alle geneesmiddelen kan Raptiva bijwerkingen veroorzaken, hoewel niet
iedereen ze krijgt.
De bijwerkingen in deze rubriek worden aangegeven met een schatting van de
frequentie waarin ze kunnen optreden. Hiervoor wordt de volgende indeling
gebruikt:
- Zeer vaak: bijwerkingen die op kunnen treden bij meer dan 1 op de 10 patienten;
- Vaak: bijwerkingen die op kunnen treden bij 1 tot 10 op de 100 patienten;
- Soms: bijwerkingen die op kunnen treden bij 1 tot 10 op de 1000 patienten;
- Zelden: bijwerkingen die op kunnen treden bij 1 tot 10 op de 10.000 patienten;
- Zeer zelden: bijwerkingen die op kunnen treden bij minder dan 1 op de 10.000
patienten;
Raptiva kan geringe tot matig-ernstige griepachtige verschijnselen veroorzaken,
zoals hoofdpijn, koude rillingen, misselijkheid, spierpijn en soms koorts
gedurende de eerste 48 uur na een injectie met Raptiva. Deze verschijnselen
komen zeer vaak voor en treden meestal op na de eerste twee injecties en
verdwijnen geleidelijk als de behandeling wordt voortgezet. Wanneer een van deze
verschijnselen ernstig is of aanhoudt moet u contact opnemen met uw arts. In
klinische studies, kwamen zichtbare bijwerkingen op de injectieplek en pijn op
de injectieplek soms voor.
Neem contact op met uw arts of ga naar de eerste-hulpafdeling van een ziekenhuis
en staak de toediening van Raptiva direct wanneer:
- Ernstige verschijnselen van overgevoeligheid of een allergische reactie, zoals
een anafylactische shock, ontstaan. Verschijnselen van een
overgevoeligheidsreactie komen vaak voor en zijn onder andere jeuk over het
gehele lichaam, netelroos, het rood worden van de huid of uitslag. Een
anafylactische shock is een ernstige overgevoeligheidsreactie met duizeligheid,
braken, lage bloeddruk en moeite met ademen. Er dient ogenblikkelijk medische
hulp te worden ingeroepen omdat ernstige overgevoeligheidsreacties
levensbedreigend kunnen zijn.
- U verschijnselen opmerkt die kunnen passen bij een tekort aan bloedplaatjes,
zoals gemakkelijk bloedend tandvlees, het ontstaan van bloeduitstortingen of
kleine rode vlekjes in de huid. Deze 30
symptomen komen soms voor.
- U tekenen heeft van een zenuwaandoening, zoals tintelingen of beginnende
zwakte in benen of armen.
- U ernstige hoofdpijn heeft samen met stijfheid van de nek. Dit kan zelden
voorkomen vooral aan het begin van de behandeling.
- Vastgesteld wordt dat u een vorm van kanker heeft.
- U een uitgebreide huiduitslag of blaren in de mondholte ontwikkelt.
Neem contact op met uw arts en bespreek uw algemene gezondheidstoestand met hem
als u een van onderstaande verschijnselen heeft:
- Rugpijn, pijn in de gewrichten, hoofdpijn, braken, zwakte, vermoeidheid of
huiduitslag. Het is niet met zekerheid aangetoond dat er een verband bestaat
tussen deze vaak voorkomende bijwerkingen en het gebruik van Raptiva, maar ze
kunnen wel voorkomen. Zo nodig zal uw arts u verder controleren en uw bloed
laten onderzoeken.
- Koorts, of het gevoel dat u een infectie heeft. Raptiva beïnvloedt het
immuunsysteem, waardoor u mogelijk meer kans heeft een infectieziekte te krijgen
en waardoor een oude infectie weer kan opkomen. Infecties komen zeer vaak voor.
- Een terugval of opvlamming of een sterke verergering van psoriasis of het
ontstaan van rode, ontstoken psoriasisplaques, soms met zwelling van armen of
benen of gewrichtsontsteking, vooral na het staken van de behandeling met
Raptiva. Deze bijwerkingen komen vaak voor.
- Kortademigheid of andere aanhoudende ademhalingsmoeilijkheden.
- Tekenen van aangezichtsverlamming, meestal aan een kant van het gezicht (zoals
zwakte van de aangezichtsspieren en kwijlen), mogelijk voorafgegaan door pijn in
het gebied rond het oor. Over het algemeen herstellen patiënten met
aangezichtsverlamming binnen een paar weken, zonder enige specifieke
behandeling.
Sommige bloedonderzoeken kunnen afwijkende uitkomsten geven: zoals het aantal
witte of rode bloedcellen (waaronder leukocyten en lymfocyten), alsmede de
concentratie van alkalische fosfatase en ALT (bloed laboratorium waarden). Deze
afwijkingen, die kunnen samenhangen met het gebruik van Raptiva, kunnen alleen
door bloedonderzoek in een laboratorium worden opgespoord.
Wanneer een van de bijwerkingen ernstig wordt of in geval er bij u een
bijwerking optreedt die niet in de bijsluiter is vermeld, raadpleeg dan uw arts
of apotheker.
5. HOE BEWAART U RAPTIVA
Buiten het bereik en het zicht van kinderen houden.
Bewaren in de koelkast (2 - 8 ºC). Niet in de vriezer bewaren.
Bewaren in de oorspronkelijke verpakking ter bescherming tegen licht.
Gebruik Raptiva niet meer na de vervaldatum die staat vermeld op het etiket en
de doos na EXP. De vervaldatum verwijst naar de laatste dag van die maand.
Gebruik Raptiva niet als u bemerkt dat de oplossing niet helder is of deeltjes
bevat.
Om de steriliteit te handhaven moet Raptiva direct na het openen en oplossen
worden toegediend.
Geneesmiddelen dienen niet weggegooid te worden via het afvalwater of met
huishoudelijk afval. Vraag uw arts of apotheker wat u met medicijnen moet doen
wanneer ze niet meer nodig zijn. Deze maatregelen zullen helpen bij de
bescherming van het milieu.
6. AANVULLENDE INFORMATIE
Wat bevat Raptiva
- De werkzame stof is efalizumab; elke injectieflacon bevat een uit te nemen
dosering van 125 mg efalizumab.
- De andere bestanddelen zijn polysorbaat 20, histidine,
histidine-hydrochloride-monohydraat en sucrose.
- Elke voorgevulde injectiespuit met oplosmiddel bevat voldoende water voor
injectie om de oplossing gereed te maken voor injectie.
Hoe ziet Raptiva er uit en de inhoud van de verpakking
Raptiva is een poeder en oplosmiddel voor oplossing voor injectie. Het poeder is
wit tot vuilwit van kleur en het oplosmiddel is een kleurloze vloeistof. Het
product wordt geleverd in verpakkingen met 1 injectieflacon met poeder, 1
voorgevulde injectiespuit met oplosmiddel, 1 naald voor vermengen en 1 naald
voor injectie, en in verpakkingen met 4 injectieflacons met poeder, 4
voorgevulde injectiespuiten met oplosmiddel, 4 naalden voor vermengen en 4
naalden voor injectie. Het is mogelijk dat niet alle verpakkingen in elk land
verkrijgbaar zijn.

Registratiehouder
Serono Europe Ltd.
56 Marsh Wall
London E14 9TP
Verenigd Koninkrijk
Fabrikant
Industria Farmaceutica Serono S.p.A.
Via Luigi Einaudi 11
00012 Guidonia Montecelio/Rome
Italië
Voor alle informatie over dit geneesmiddel kunt u contact opnemen met de lokale
vertegenwoordiger van de houder van de vergunning voor het in de handel brengen.
Nederland
Serono Benelux BV
Alexanderstraat 3-5
NL-2514 JL Den Haag
Tel: +31-70-30 25 700
|