ACNE INFANTUM home ICD10: L70.4

Acne infantum is acne op de peuterleeftijd, niet eerder dan 3-6 maanden na de geboorte beginnend, met folliculaire papels, pustels en comedonen, vooral in het gelaat. Het ontstaat meestal pas in het 2e levensjaar, soms met ernstige ontstekingen op de wangen. Het komt niet zo vaak voor, bij circa 2% van de peuters, vooral bij jongetjes. Het gaat ook vaak vanzelf weer over na 6-12 maanden. De oorzaak is onbekend, gedacht wordt aan een erfelijke aanleg (kinderen met acne infantum kunnen later ook ernstige acne krijgen), of een verhoogde gevoeligheid van de talgklieren voor een normale androgeenspiegel, of (zeldzaam) een tijdelijk verhoogde androgeen productie.

Acne infantum
acne infantum


DD: acne venenata door misbruik oliën, neonatale acne (enkele weken na de geboorte beginnend), erythema toxicum neonatorum, transient neonatal pustular melanosis, miliaria, bacteriële folliculitis, facial aseptic granuloma. , dermatitis perioralis, keratosis pilaris, molluscum contagiosum, pilomatrixoma. Zie ook onder pustuleuze erupties bij kinderen.

Acne neonatorum is acne op zuigelingenleeftijd. Dit ontstaat enkele weken na de geboorte, meestal rond 2 maanden. Het komt vaak voor, bij 20% van de babies. Van acne neonatorum wordt gedacht dat het een reactie is van de talgklieren van de pasgeborene op hormonen van de moeder, nog in utero overgebracht. Helemaal zeker is dat niet. Pasgeboren kunnen ook een folliculitis krijgen door eerste blootstelling aan gisten (Pityrosporon) en bacteriën op de huid. Acne neonatorum gaat vanzelf over in enkele weken.

Therapie:
Acne infantum gaat meestal ook vanzelf over, in 6-12 maanden, maar het kan hardnekkiger zijn en eventueel worden behandeld met lokale middelen tegen acne (benzoylperoxide gel of tretinoïne crème 0.02% FNA, of erytromycine of clindamycine lotion). In ernstige gevallen kunnen antibiotica worden voorgeschreven (erytromycine, sulfamethoxazol-trimethoprim). Tetracyclinen zijn niet toegestaan bij kinderen onder de 8 jaar vanwege het risico op permanente verkleuring van de tanden. Isotretinoïne kan wel worden gegeven op peuter en kleuterleeftijd maar zelden is het zo ernstig dat dat nodig is. Ook intralesionale corticosteroïden kunnen worden gebruikt als er inflammatoire nodi zijn.

R/ benzoylperoxide hydrogel 5-10% FNA (30/100 g) of Benzac 5 of 10% hydrogel (105 g)
R/ tretinoïne crèmes: Cremor tretinoini 0.02 of 0.05% FNA.
R/ erytromycine applicatievloeistof (Inderm 1% (50 ml), Eryacne 2% gel (30 g), Zynerit 4% (30 ml)).
R/ clindamycine lotion 1% FNA of Dalacin-T lotion 1% (30 ml), of clindamycine hydrochloride 1-2 % in cremor cetomacrogolis. 2 dd dun op huid aanbrengen, na 4 weken moet effekt zichtbaar zijn, cave resistentie.
R/ Duac acne gel (clindamycine 1% in benzoylperoxide 5% gel, 25 g).
R/ Treclinac gel (clindamycine 1% en tretinoïne 0.025%, 30 of 60 g), 1 dd voor het slapen gaan.
R/ erytromycine 30-50 mg/kg per dag in 2-4 dosis. Zie tabel erytromycine bij kinderen. Maximale dagdosis voor kinderen 1-4 jr: 500 mg; 4-8 jr: 750 mg; 8-12 jr: 1000 mg; 12-15 jr: 1500 mg.
R/ cotrimoxazol (sulfamethoxazol-trimethoprim) 2 dd 18 mg/kg (= trimethoprim 2 dd 3 mg/kg, sulfamethoxazol 2 dd 15 mg/kg).
R/ Kenacort A10 intralesionaal.

 
Auteur(s):
dr. Jan R. Mekkes. Dermatoloog, Amsterdam UMC.

30-12-2021 (JRM) - www.huidziekten.nl W3C-html-4.01-valid



Diagnosecodes:
ICD10 L70.4 Acne infantum
ICD10 L70.4 Infantile acne
SNOMED 201219009 Infantile acne
DBC 1 spacer Acneïforme dermatosen

ICD10 L70.4 Acne infantum: acne neonatorum
ICD10 L70.4 Infantile acne: neonatal acne
SNOMED 49706007 Neonatal acne
DBC 1 spacer Acneïforme dermatosen