CELLULITIS home ICD10: L03.1

Cellulitis wordt in de Amerikaanse literatuur gebruikt als synoniem voor erysipelas. In de volksmond is cellulitis (cellulite) een term voor onregelmatige vetverdeling met intrekkingen (dimpling, peau d' orange-achtig) in adipeuze dijen. In Nederland wordt cellulitis gebruikt als term voor een infectie van de huid en subcutis met als meest waarschijnlijke verwekker S. aureus. In de Nederlandse optiek is erysipelas felrood, scherp begrensd, gaat gepaard met koorts en overgeven en wordt veroorzaakt door de hemolytische streptokok. Cellulitis is minder scherp begrensd dan erysipelas en kan door andere bacteriƫn dan hemolytische streptokokken veroorzaakt worden (S. aureus, H. influenza, e.v.a.). Zie ook onder erysipelas.

Cellulitis Erysipelas, wondroos, belroos
cellulitis erysipelas


Therapie:
Systemische antibiotica in ernstige gevallen, op geleide van kweek (huid, neus, perineum). Eventueel natte omslagen.

Bij niet-ernstige infectie:
R/ Floxapen (flucloxacilline) 4 dd 500 mg of 3 dd 1000 mg gedurende 10-14 dagen, in geval van stafylokokken, hetgeen vaak voorkomt.
R/ Klacid (claritromycine) 2 dd 500 mg gedurende 10-14 dagen.
R/ Clindamycine 3 dd 600 mg gedurende 10-14 dagen.

Bij ernstige infectie:
R/ Floxapen (flucloxacilline) iv 4 dd 1000 mg gedurende 10 tot 14 dagen.
R/ Clindamycine iv 3 dd 600 mg gedurende 10-14 dagen.


Auteur(s):
dr. Jan R. Mekkes. Dermatoloog, AMC, Amsterdam.

05-06-2016 (JRM) - www.huidziekten.nl W3C-html-4.01-valid



web counter