CONTACTECZEEM DOOR ALLERGIE VOOR PLANTEN, BLOEMEN EN BOMEN home ICD10: L23.7

Planten kunnen allergische, toxische en fototoxische reacties veroorzaken. Onder een allergie verstaat men een immunologische reactie van de slijmvliezen of de huid die zich uit binnen 20 minuten (type I) of na 2 à 3 dagen (type IV). Onder een toxische reactie verstaat men een irritatiereactie van de huid, die niet gebaseerd is op een immunologische herkenning. Ook licht, samen met bepaalde planten, kan een toxische reactie veroorzaken die dan een fytofototoxische reactie genoemd wordt. Belanrijke veroorzakers van contactallergie zijn Composieten, Alstroemeria (met tulipaline als veroorzakende stof), Hedera (klimop) en Primula's. Belangrijkste veroorzakers van een fytofototoxische reactie zijn Berenklauw en Wijnruit, van een toxische reactie alle Euphorbia's. In Amerika is klimop (Poison Ivy) een belangrijke oorzaak van ernstige allergische contact dermatitis.

Poison Ivy dermatitis (USA) Poison Ivy dermatitis (USA)
Poison ivy Poison ivy

Poison Ivy dermatitis (USA) Poison Ivy dermatitis (USA)
Poison ivy Poison ivy


Huidafwijkingen die ontstaan door contact met planten duidt men aan met fytocontactdermatitis. De voorkeurslokalisaties voor deze afwijkingen zijn het centrale deel van het gezicht, met name rond de ogen, de vingers, de handen en de onderarmen en benen. Klinisch is er veelal sprake van erytheem en oedeem, al of niet met papels en vesikels, veelal jeukend. De begrenzing is over het algemeen vrij scherp, reticulair of streepvormig van patroon, bij lokaal (foto)toxische reacties vaak gepaard gaande met blaarvorming die later hyperpigmentatie achterlaat. Er is vaak een opvallende asymmetrie. Vergroving van het huidreliëf met lichenificatie, oedeem, erytheem en schilfering wordt gezien bij chronische blootstelling aan type IV allergenen, zoals die aanwezig kunnen zijn in het stuifmeel van compositae.

Composietenfamilie (compositae)
De composietenfamilie vormt de grootste groep van bloeiende planten. Ze komen wereldwijd voor; de chrysanten vormen een gecultiveerde soort. Huidafwijkingen ontstaan door de inductie van type IV allergieën door sesquiterpene lactonen die een verschillende chemische structuur vertonen bij de afzonderlijke soorten van de composietenfamilie. Onderling geven ze vaak aanleiding tot kruisreacties. Geslachten van de composietenfamilie die vaak type IV allergieën veroorzaken zijn bijvoorbeeld Achillea (duizendblad), Anthemis (stinkende kamille) en chrysanten. Arnica montana is een voorbeeld van een composiet die veelvuldig gebruikt wordt in de volksgeneeskunde en die bij uitwendige toepassing regelmatig een type IV allergie veroorzaakt.

Leliefamilie
Bekende voorbeelden zijn de tulpen- en hyacintenvariëteiten. In de zachte binnenschaal van de tulpenbol bevindt zich de stof tulipaline, een type IV allergeen. Allergie treedt voornamelijk op bij mensen die tulpenbollen pellen. In de beginfase is er vaak sprake van een ondraaglijk, stekend gevoel, het zogenaamde tulpvuur, later is er pijnlijkheid en roodheid aan de vingers, vooral aan de vingertoppen en onder de nagels. Het begin is 1 tot 2 dagen na het hanteren van de tulpenbollen. Geleidelijk aan treedt er een hyperkeratotisch eczeem op, met hinderlijke, pijnlijke kloofvorming, die aanleiding kan geven tot nagelafwijkingen. De schalen van de hyacinthbol hebben een sterk schurend en irriterend effect op de huid door de aanwezigheid van calciumoxalaatkristallen (raphides). Deze kristallen veroorzaken de "hyacinthjeuk of -schurft", die gepaard gaat met sterke jeuk, roodheid en zwelling en optreedt op bedekte en onbedekte huiddelen.

Sleutelbloemfamilie (primulaceae)
De bekendste vertegenwoordiger hiervan is de Primula obconica, die vooral in de eerste helft van deze eeuw verantwoordelijk is geweest voor veel allergieën in West-Europa. Het allergeen (primine) is vooral aanwezig in de bladeren van de primula en de hoeveelheid van het allergeen staat sterk onder invloed van het seizoen, de hoeveelheid zonneschijn en de methode van kweken. De grootste allergeenproduktie heeft de primula in het voorjaar en de zomer.

Cactusfamilie (cactaceae)
Afgezien van de traumata door de cactusdoornen veroorzaken groepjes van borstelige haartjes op het cactusblad (glochiden) bij contact met de huid direct pijn, met in de loop van enkele dagen oedeem en roodheid. Dit verdwijnt alleen als de haartjes uit de huid verwijderd worden. Achtergebleven glochiden veroorzaken na enkele weken erythemateuze plaques en soms een granuloma annulare.

Wolfsmelkfamilie (euphorbiaceae)
De latexachtige melk in de stengel en ander delen van deze plantenfamilie bevat forbolesters en biogene amines die een sterke irritatie van huid en slijmvliezen kunnen veroorzaken met een pijnlijk, stekend gevoel, gepaard gaande met roodheid, vesicels en blaren. Het is een toxische reactie. Contact met het hoornvlies kan tot blindheid leiden. Crotons behoren tot de wolfsmelkfamilie en het zijn bekende huiskamerplanten.

Brandnetelfamilie (urticaceae)
Het optreden van urticaria kent iedereen uit persoonlijke ervaring en wordt veroorzaakt door de injectie van histamine, acetylcholine en 5-hydroxytryptamine in de huid.

Aronskelkfamilie (araceae)
Bekend als kamerplant is de Dieffenbachia sequina. Deze geeft bij contact proteolytische enzymen af (o.a. trypsine), die op huid en slijmvliezen een sterke irritatie veroorzaken met aan de slijmvliezen sterke oedeemvorming.

Narcissenfamilie (amaryllidaceae)
Het hanteren en bewerken van de narcisbol kan aanleiding geven tot jeukende huidafwijkingen, ook op de bedekte huid, die bekend staan als 'narcisrot'. Het wordt evenals bij de hyacinthbol veroorzaakt door bundels sterk irriterende calciumoxalaatkristallen. Sommige narcissoorten geven ook aanleiding tot type IV allergieën; het allergeen is nog niet geïdentificeerd.

Boterbloemfamilie (ranunculaceae)
Sommige soorten bevatten een glycoside dat bij contact een stof afsplitst genaamd ranunculine die een acute dermatitis met zwelling en blaarvorming kan veroorzaken. Bij kinderen worden deze afwijkingen nogal eens rond de mond gezien door het kauwen op de stengels van de "scherpe" boterbloem.

Schermbloemigenfamilie (umbelliferae)
Schermbloemigen bevatten furocoumarines of psoralenen, chemische verbindingen, die onder invloed van ultraviolet licht een fototoxische reactie veroorzaken. In onze dagelijkse omgeving zijn de berenklauw, het fluitekruid en pastinaak bekende voorbeelden. De zogenaamde weilanddermatitis treedt op door zonnebaden in een weiland waarbij huidcontact met bijvoorbeeld St. Janskruid (hertshooifamilie, hypericaceae) of pastinaak verantwoordelijk is voor de daarna optredende heftige, vaak bulleus verlopende phytophotodermatitis. Psoralenen komen ook voor in de familie van wijnruit (rutaceae) en moerbei (moraceae).

Berenklauw Poison Ivy dermatitis (USA)
Berenklauw fytofotodermatitis

Poison Ivy dermatitis (USA) Poison Ivy dermatitis (USA)
fytofotodermatitis fytofotodermatitis



Plantkunde voor beginners (auteurs: W. Kransen en C.J. van Ginkel):

1. Primula's.
De Primula obconica wordt gehouden als kamerplant. Het allergeen is primine, hetgeen getest wordt in de Europese Standaard Reeks. De Primula auricula wordt gehouden als tuinplant en geeft geen kruisreactie met de Primula obconica.

Primula auricula
Primula auricula


2. De Ficus.
De Ficus benjamina, de Ficus elastica en de Ficus deltoidea zijn kamerplanten, de Ficus carica is de vijgenboom. Allen kunnen kruisreageren met elkaar en kunnen zowel een type I reactie (rode ogen/slijmvliezen) als een fytofototoxische reactie geven. Ze kunnen kruisreageren met latex.

Ficus carica (vijg)
Ficus carica (vijg)


3. Euphorbia (Wolfsmelk).
Phorbolesters in de melk uit de tak kan een toxische reactie veroorzaken door granulocyten degranulatie. Eczeem ontstaat in de loop van enige uren tot maximaal 3 dagen. Alle Euphorbia's worden gekenmerkt door het witte, kleverige sap dat vrijkomt bij het afbreken van tak of blad. De meest boosaardige is de Euphorbia myrsinites, een vrij saaie tuinplant.

Euphorbia milii (Christusdoorn)
Euphorbia milii (Christusdoorn)


4. Toxicodendron (Poison ivy, Poison oak, Poison sumac).
Deze planten veroorzaken een type IV allergie, maar ook een airborne (verspreiding door de lucht) eczeem, met name bij het verbranden van de takken. Aan de oostkust van de Verenigde Staten is 60% van de bevolking allergisch voor Poison ivy.

Toxicodendron
Toxicodendron


5. Ruta graveolens (Wijnruit).
Wijnruit wordt gebruikt bij het inleggen van komkommers, in alternatieve geneesmiddelen en als anti-kattenkruid. Wijnruit kan een fytofototoxische reactie geven. Skimmia, citrusbomen en de schil van citrusfruit kunnen tot deze groep gerekend worden.

Ruta graveolens (Wijnruit)
Ruta graveolens (Wijnruit)


6. Umbelliferae (Schermbloemigen).
Tot de schermbloemigen worden o.a. gerekend: Berenklauw, Engelwortel (gebruikt bij het confijten en in likeur), Pastinaken, bleekselderij, lavas (maggiplant), koriander. Schermbloemigen kunnen een fytofototoxische reactie geven. De bij een groot publiek meest bekende fototoxische reactie is het optreden van blaren na aanraken van de Berenklauw en blootstelling aan zonlicht.

Umbelliferae (Schermbloemigen)
Umbelliferae


7. Hedera (Klimop)
Klimop kan een type IV reactie geven.

Hedera (Klimop)
Hedera (Klimop)


8. Composieten.
Composieten veroorzaken van alle planten het meest frequent een type IV allergie. Tot de composieten worden o.a. gerekend:
 - Bijvoet (Artemisia vulgaris). Het stuifmeel kan een type I reactie veroorzaken, met hooikoortsachtige klachten en verschijnselen.
 - Chrysanten
 - Zonnebloemen
 - Kamille
 - Boerenwormkruid
 - Moederkruid
 - diverse groenten, zoals sla, andijvie, witlof, artisjok, laurier.
(Een type IV allergie wordt aangetoond door het testen met Sesquiterpene Lactone Mix (SLM), dat sinds enige jaren aan de Europese Standaard Reeks is toegevoegd.)

Artemisia vulgaris
Artemisia vulgaris


9. Eucalyptus.
De Eucalyptus kan een type IV reactie geven, met name bij bloemisten zo rond de kerstdagen. Eucalyptus wordt gebruikt in cosmetica- en verzorgingsproducten en kruisreageert met teatree-oil (o.a. in diverse cosmetica en een anti-kalknagelmiddel).

Eucalyptus
Eucalyptus


10. Ranonkels.
De blaartrekkende Boterbloem behoort tot de Ranonkels en geeft een toxische reactie. Tot dezelfde familie behoort de Monnikskap, deze is echter veel minder toxisch voor de huid. Tot de Ranonkels behoren ook de Kerstroos (niet te verwarren met de Kerstster) en de Clematis.

Ranonkels (Boterbloemen)
Ranonkels (Boterbloemen)


11. Hypericum (Hertshooi).
Hertshooi wordt als St. Janskruid in de alternatieve geneeskunde gebruikt en kan een fytofototoxische reactie geven.

Hypericum (Hertshooi)
Hypericum (Hertshooi)



Lijst van planten en bomen die allergische reacties kunnen veroorzaken:

Begonia
- meerdere species
Composieten:
- aster, chrysant, gulden roede (solidago), helianthus (tanacetum parthenium), dahlia, duizendblad (achillea), matricaria, zonnenbloem, margriet en kamille, moederkruid (chrysanthemum parthenium) en boerenwormkruid, korenbloem, paardenbloem, witlof, groenlof, roodlof, alle soorten sla, artisjokken, andijvie en, hoewel zelf geen composiet, laurier (laurus nobilis). Gekookt zijn composiet-groentes wel veilig. Smeersels met extracten van composieten lijken veilig te zijn, m.u.v. smeersels met kamille.
Alstroemeria
Tulpenbollen
Hyacinthenbollen (fam Liliaceae)
Narcissus sp.
Primulaceae: primula obconica
- sleutelbloemen
- primine zit ook in de stekels van de zwarte zeeëgel (Paracentrotus lividus), die in de Middellandse Zee leeft
Klimop: Hedera helix
Euphorbiaceae: wolfsmelk, kerstster (Euphorbia pulcherrima), christusdoorn (Euphorbia milii), croton
Capsicum: spaanse peper
Ranuncula: boterbloem, anemoon, ranonkel, blauwe monnikskap, clematis
Anacardiaceae: Rhus typhina
Ligustrum vulgare (Wilde liguster, fam Oleaceae)
Cactussen
Schermbloemigen (Umbelliferae):
- Heracleum (berenklauw), Angelica (engelwortel), fluitekruid, Apium graveolens (bleekselderij), Petroselinum (peterselie), Anethum (dille), Pastinaca (pastinaak), lavas (Levisticum officinale/maggiplant), Daucus carota (wortelen) en de snijbloem Ammi majus (kantbloem, groot akkerscherm) en Ammi visnaga (fijn akkerscherm)
Rutaceae: wijnruit (Ruta graveolens), citrusvruchten (oa bergamot)
Moraceae: Vijg (Ficus carica)
Aronskelkfamilie: Gevlekte aronskelk
Buxacea: Buxus sempervirens
Thymalaeaceae: Daphne mezereum
Plantaan: fijne haartjes aan de onderkant van de bladeren
Overige bomen:
- Dalbergia melanoxylon (African blackwood)
- Pericopsis alata (Afrormosia)
- Afzelia sp.
- Acacia melanoxylon (Australian blackwood)
- Turreanthus africanus (Avordiré)
- Distemonathus benthamianus (Ayan, Movingui)
- Sequoia sempervirens (California redwood)
- Cedrus (Cedar)
- Dalbergia retusa (Cocobolo)
- Brya ebenus (Cocus)
- Douglas fir
- Diospyros ebenum (Ebony)
- Myrtaceae (Eucalyptus)
- Grevillea robusta (Autralian silky oak)
- Chlorophora excelsa (Iroko, African teak)
- Shorea (Lauan, Meranti, Seraya)
- Meliaceae (Mahogany)
- Mansonia altissima
- Hippomane mancinella (Manzanillo)
- Prosopis juliflora (Mesquite)
- Querus (Oak)
- Pinus (Pine)
- Dalbergia stevensoni (Rosewood)
- Chloroxylon swietenia (Satinwood)
- Tectona grandis (Teak)


Diagnostiek:
Achterhaal of de huidreaktie in het verleden ook al is opgetreden, met welke planten of bestrijdingsmiddelen er huidkontakt is geweest, hoe lang na het kontakt de huidreakties ontstonden en of er expositie aan UV (zonlicht) is geweest. Planten kunnen toxische en zowel type I als IV allergische huidreakties veroorzaken, soms speelt een kombinatie met ultraviolette straling een luxerende rol (de zg. phytophototoxische reakties). Toxische (irritatie) reacties kunnen het gevolg zijn van mechanische irritatie (cactus), farmacologische irritatie (brandnetel) en chemische irritatie (euphorbiasoorten, dieffenbachia).

Maak een afspraak voor allergologisch onderzoek. Het is belangrijk dat de patënt de relevante stoffen (bol, steel, blad en bloem van de afzonderlijke planten, alsmede vers zaagsel van schors en kern van bomen, bestrijdingsmiddelen en meststoffen) zelf meeneemt.
Bij het allergologisch onderzoek worden voor het plakproefonderzoek monsters van de verdachte planten en bomen gebruikt en, waar nodig, bestrijdingsmiddelen en meststoffen voor zover niet aanwezig in de Europese Standaardreeks (SL-mix) en de Plantenreeks. Het plantenmateriaal wordt licht gekneusd, het verse zaagsel van bomen wordt vermengd tot 10% in vaseline. Planten en bomen kunnen ook irritatiereakties geven (m.n. Euphorbiaceae, Ranunculaceae, Crucifera, Capparidaceae, Alstroemeriaceae, Liliaceae, Primulaceae, Verbenaceae, Fabaceae); voor voldoende controlepersonen dient te worden gezorgd. Expositie aan planten en bomen kan leiden tot sensibilisatie; routinematig testen dient vermeden te worden. Planten en pesticiden kunnen ook fotoallergische reacties veroorzaken.

Aanvullende informatie over planten:
Lijst van planten
Canadian Poisonous Plants Information System
Poisonous plants web page Cornell University
BoDD-Index van de Welsh School of Pharmacy
Wilde planten in Nederland


Auteur(s):
Wil Kransen, verpleegkundige, afdeling allergologie, AMC, Amsterdam.
dr. C.J. van Ginkel. Dermatoloog, allergoloog, UMCU, Utrecht.

02-10-2016 (WIK / CJG) - www.huidziekten.nl W3C-html-4.01-valid



web counter