HUIDAFWIJKINGEN DOOR CYTOSTATICA home ICD10: n.v.t.

Bij gebruik van chemotherapie (cytostatica) kunnen diverse huidreacties optreden. Chemotherapeutica veroorzaken toxische reacties, maar ook allergische reacties en reacties via indirecte mechanismen, bijvoorbeeld via effecten op de afweer, of graft versus host reacties. De meeste zijn wel bekend bij de behandelend oncoloog, hematoloog, internist, maar soms wordt de dermatoloog in consult gevraagd bij zeldzame of onbekende beelden. Meestal valt er uit te komen door de efflorescentie goed te benoemen en te zoeken op internet, of in de handboeken, atlassen, bijsluiters, farmacotherapeutisch kompas, LAREB, etc. Soms is een biopt of aanvullend onderzoek nodig (lab, kweken). In de oncologie komen er in rap tempo nieuwe middelen uit (monoclonalen, EGFR remmers, etc.) met nog onbekende en onvoldoende beschreven bijwerkingen, inclusief bizarre cutane reacties. De leerboeken lopen op dit punt achter de feiten aan, maar in Pubmed of via Google is meestal wel een beschrijving en een therapie advies te vinden.

Cytostaticum: Huidafwijkingen:
asparaginase urticaria, pseudocellulitis injectieplaats
bleomycine streepvormige hyperpigmentaties (flagellate dermatitis), hyperpigmentatie nagels en op drukplaatsen, Raynaudfenomeen, sclerose, neutrofiele eccriene hidradenitis
cytarabine acraal erytheem, neutrofiele eccriene hidradenitis
dactinomycine steriele folliculitis
daunorubicine neutrofiele eccriene hidradenitis, extravasatie necrose, ontstekingsreacties in bestraalde huid
doxorubicine acraal erytheem, eccriene hidradenitis, extravasatie necrose, ontstekingsreacties in bestraalde huid, veranderde haartextuur
5-fluorouracil acraal erytheem, hyperpigmentatie over venen, opvlamming actinische keratosen, fotosensitiviteit
hydroxyurea lichen planus achtige reacties, ulcera (Hydrea ulcus)
mechlorethamine contacteczeem
mitomycine C generalized pustular eruption, acraal erytheem, eccriene hidradenitis, toxicodermie, vasculitis, erythema faciale, type IV en III reacties nno
mitoxanthron neutrofiele eccriene hidradenitis
thiotepa hyperpigmentatie m.n. via excretie via zweetklieren
vinblastine extravasatie necrose
vincristine extravasatie necrose


Therapie:
Staak het verdachte middel indien mogelijk. Bij milde reacties en geen redelijke alternatieven gewoon doorgaan.
Meld bijzondere reacties die nog niet bekend zijn bij LAREB.


Referenties
1. Braun-Falco O, Plewig G, Wolff HH, Burgdorf WHC. Dermatology. Second Edition, Springer, Berlin Heidelberg 2000. Chapter 10.


Auteur(s):
dr. Jan R. Mekkes. Dermatoloog, AMC, Amsterdam.

05-03-2014 (JRM) - www.huidziekten.nl W3C-html-4.01-valid



web counter