ECZEMA MET IMPETIGINISATIE, GEÏMPETIGINISEERD ECZEEM home ICD10: L30.9

Impetiginisatie (secundaire infectie met S. aureus en/of streptococcen van een pre-existent eczeem, meestal atopisch eczeem) kan een eczeem verergeren. Symptomen van geïmpetiginiseerd eczeem zijn nattende gebieden met gelig exsudaat, gelige crustae (zie ook onder impetigo), en ontstekingsverschijnselen zoals roodheid, warmte, koorts en lymfadenopathie. Zowel het eczeem als de infectie moeten tegelijkertijd worden bestreden, omdat ze elkaar in een vicieuze cirkel onderhouden. In ernstige gevallen systemische antibiotica voorschrijven, in mildere gevallen kan met lokale antiseptica worden geprobeerd de hoeveelheid stafylokokken te reduceren. Indien Streptococcus pyogenes wordt gekweekt, altijd systemisch behandelen. Geen locale antibiotica gebruiken, i.v.m. kans op sensibilisatie. Bij recidiverende infecties denken aan heen een weer pendelen tussen familieleden of aan een reservoir in de neus of perineumregio (kweken).

Impetiginisatie Impetiginisatie Impetiginisatie
impetiginisatie impetiginisatie impetiginisatie


DD: eczema herpeticum (pustels, monomorfer beeld, ronde wondjes, multipele pijnlijke kleine ulceraties).

Therapie:
Bij ernstige infectie systemische antibiotica, bij voorkeur op geleide van de kweek.
R/ Klacid (claritromycine) 500 mg per dag; bij ernstige infecties 2 dd 500 mg. Kinderen zie tabel. Klacid is een goede eerste keus omdat het makkelijk in te nemen is en weinig bijwerkingen geeft. Maar er is altijd kans op erytromycine/claritromycine resistente S. aureus, vooral bij de wat ernstige atopisch eczeem patiënten die vaker infecties hebben gehad. Bij ernstige infectie, waarbij de kweek en resistentie bepaling nog niet bekend is en waarbij men zeker moet zijn van een goede antibiotische werking is het beter om Floxapen of Augmentin voor te schrijven.
R/ Floxapen (flucloxacilline) 4 dd 500 mg; bij ernstige infecties 3 dd 1000 mg. Kinderen zie tabel.
R/ Augmentin 3 dd 625 mg. Kinderen zie tabel.
R/ erytromycine 4 dd 250-500 mg (o.a. bij allergie voor penicilline).

Lokale middelen
Preventief kan gewassen worden met antiseptica:
R/ Hibiscrub, betadine jodium scrub of shampoo, Unicura zeep.

Aan het badwater kunnen antiseptica worden toegevoegd:
R/ Oilatum plus badolie (benzalkoniumchloride 6% in minerale badolie).
R/ Bleekwater (chloor) voor huishoudelijk gebruik, bevat circa 5% natriumhypochloriet: 100 ml toevoegen aan het badwater (circa 100 liter). Dit levert een eindconcentratie van 0.005% op in het badwater. De concentratie van 0.005% is voldoende (zie onder chloorbaden bij atopisch eczeem). Gebruik niet meer dan 250 ml per 100 liter. Chloor kan de huid irriteren.
R/ natriumhypochloriet 0.0125% (FNA oplossing 0.5% 1:40 verdunnen).

Antiseptische crèmes en zalven of combinaties met steroiden:
R/ zinkoxidesmeersel FNA of hydrocortison 1% of triamcinolon 0.1% in zinkoxide smeersel FNA.
R/ zinkoxide 10% in hydrocortison 1% of triamcinolon 0.1% crème bij nattende eczemen. Magistrale therapie
R/ chloorhexidine crème FNA.
R/ HCA 1% of TAC 0.1% in chloorhexidinecrème FNA. Zie tabel chloorhexidine toevoegen. Magistrale therapie
R/ Fucidin (fusidine) crème of zalf.
R/ combinaties van fusidine en corticosteroïden. Zie tabel fucidine toevoegen. Magistrale therapie Let op, fusidine moet minimaal 2 dd gesmeerd worden, bij mengsels met klasse II-III steroïden wordt dan teveel hormoon aangebracht.
R/ Locacorten-Vioform (Clioquinol). Clioquinol wordt vanwege mogelijke bijwerkingen nog maar weinig voorgeschreven.


Auteur(s):
dr. Jan R. Mekkes. Dermatoloog, AMC, Amsterdam.

21-03-2012 (JRM) - www.huidziekten.nl W3C-html-4.01-valid



web counter