GONORRHOE home ICD10: A54.9

Gonorroe (druiper) is een sexueel overdraagbare infectie (SOA) veroorzaakt door gonococcen (Neisseria gonorroica). De incubatietijd is 2 tot 14 dagen, gemiddeld 8 dagen. De belangrijkste klachten zijn urethritis bij de man, en cervicitis en/of urethritis bij de vrouw. De infectie kan ook asymptomatisch verlopen (bij 10% v.d. mannen en 30-60% v.d. vrouwen). De symptomen van urethritis beginnen meestal na 6-8 dagen, soms al na 2-3 dagen (druiper, continu ecoulement bij ± 80%; dysurie bij ± 50%). Behalve als urethritis en cervicitis kan een gonorroe-infectie zich uiten als conjunctivitis (neonaten), epididymitis, (gon-)arthritis, pharyngitis, proctitis, prostatitis, salpingitis, pelvic inflammatory disease (PID) en gonococcensepsis (koorts, cutane papulopustels en petechiën, arthritis, tenosynovitis, endocarditis en meningitis). Cave proctitis (bij anaal contact gerichte kweek afnemen m.b.v. proctoscoop).

Gonorroe (druiper) Gonorroe (druiper) Gonorroe (druiper)
gonorroe (druiper) gonorroe (druiper) gonorroe (druiper)

Gonorroe (druiper) Gonorroe (druiper) Gonorroe (druiper)
intracellulaire diplococcen kweek gonorroe conjunctivitis


Diagnostiek:
NAAT (PCR) van urine of urethra bij de man, en van de vaginawand, of cervix of urethra bij de vrouw. Op indicatie (anamnese) ook kweken van anus en keel. Tweede keus is het afnemen van een kweek. Het afnemen van een kweek wordt weer belangrijker omdat dan ook de resistentie kan worden bepaald: steeds vaker worden de gonokokken multiresistent. Eventueel een direct preparaat maken (Gram, methyleenblauw, of Diff-Quick kleuring). Indien er leukocyten te zien zijn met intracellulaire diplococcen kan men daarop direct therapie starten. Wel altijd eerst diagnostiek op overige SOA doen voor starten antibiotica. Bij gedissemineerde gonorroe: kweken en/of NAAT van pustels, bloed, synoviale vloeistof of liquor.

Diagnostische criteria: duidelijk positief Grampreparaat, positieve kweek of PCR.
Behandelcriteria: positief Grampreparaat, positieve kweek of PCR, epidemiologische meebehandeling (GO aangetoond bij partner), en bij verdenking op PID of epidydimitis/prostatitis.

Therapie ongecompliceerde infectie urethra, cervix, anus of keel:
R/ Rocephin (ceftriaxon) 500 mg i.m. éénmalig; 1000 mg poeder voor i.m. injectie + solvens (lidocaine 10 mg/ml). Daarna pat 20-30 min laten wachten i.v.m. risico op allergische reactie (gering!).
R/ Zinnat (cefuroxim axetil) 2 x 1000 mg p.o. (niet bij pharyngeale GO), 2e gift 6 uur na 1e gift.

Omdat in 10-50% v.d. patiënten met GO tevens Chlamydia voorkomt, wordt geadviseerd tevens Zithromax (1 g éénmalig) of doxycline (2 dd 100 mg gedurende 7 dagen) te geven (beginnen met innemen 6 uur na ceftriaxon of cefuroxim of ciprofloxacine).

Zwangeren:
R/ Rocephin (ceftriaxon) 500 mg i.m. éénmalig.
R/ erytromycine base of stearaat 4 dd 500 mg gedurende 7 dagen (veel resistentie).

Bij penicilline anaphylaxie:
R/ Ciproxin (ciprofloxacine) 500 mg oraal éénmalig. Niet bij zwangeren of kinderen. De eerste ciprofloxacine resistente gonokokken zijn al beschreven. Ciprofloxazine (behorend tot de fluorchinolonen) is goedkoop en beïnvloedt de luesserologie niet.
Alternatieven (bijvoorbeeld bij multipele antibiotica-allergieen):
R/ co-trimoxazol (trimethoprim/sulfamethoxazol 80/400) 2 dd 4 tab gedurende 3 dagen. NB: na de maaltijd met ruim water innemen. Niet in zwangerschap.
R/ Zinnat (cefuroximaxetil) éénmalig 2 tab à 500 mg (niet bij zwangeren).
R/ Tarivid (ofloxacine), 2 x 200 mg éénmalig. Niet bij zwangerschap.
R/ Fixim (cefixim) caps à 200 mg, 400 mg éénmalig. Het genezingspercentage van goed ingenomen orale cefalosporinen, met name van de nieuwste beta-lactamase ongevoelige zoals Zinnat (cefuroxim-axetil) is slechts procenten lager dan van parenterale. Bij cefixim is zelfs geen verschil te vinden.
R/ Doxycycline 2 dd 200 mg gedurende 7 dagen (veel resistentie).
R/ Erytromycine 4 dd 500 mg gedurende 7 dagen (veel resistentie).
R/ Amoxicilline 3 g (6 x 500 mg) oraal, indien penicilline gevoelig (kweek).
R/ Bicilline (procaïnebenzylpenicilline + benzylpenicilline natrium) 4.8 milj IE i.m. over beide nates verdeeld, als éénmalige dosis, indien penicilline gevoelig (kweek).

Epididymitis en salpingitis door gonococcen:
R/ Dezelfde antibiotica als bij ongecompliceerde infectie

Prostatitis door gonococcen:
R/ Dezelfde antibiotica als bij ongecompliceerde infectie

Therapie gedissemineerde gonorroe:
Opname is nodig, intraveneuze behandeling, keuze indien mogelijk op geleide van kweek en in overleg met microbioloog. Zie onder gonococcensepsis.

Bij verdenking op combinatie met syphilis:
R/ co-trimoxazol (trimethoprim/sulfamethoxazol 80/400) 2 dd 4 tab gedurende 3 dagen, indien het de bedoeling is de syphilis-serologie niet te beïnvloeden (niet effectief tegen syphilis).
R/ Rifampicine 900 mg per dag gedurende 2 dagen. NB: niet in eerste 3 mnd zwangerschap. Rifampicine geeft rode verkleuring urine, sputum, speeksel, tranen (lenzen).

Contact-opsporing en behandeling:
Contacten uit de periode 4-6 weken voorafgaande aan de klachten van bewezen Go-patiënt proberen te traceren en meebehandelen, bij voorkeur eerst materiaal afnemen voor SOA-onderzoek.

Nacontrole:
Na standaardtherapie met ceftriaxon voor anogenitale gonorroe is nacontrole of een controlekweek niet nodig. Als er redenen zijn voor een controlekweek dan kan dit 1 week na het einde van de behandeling (NAAT), kweek al na 2 dagen. Redenen om een controlekweek af te nemen zijn: na niet-standaard therapie, bij twijfel over therapietrouw, bij persisteren klachten, bij een aangetoonde resistentie (kweek) voor het gegeven middel of vermoeden van resistentie, indien patiënt(e) opnieuw sexueel contact heeft gehad (dan als nieuwe patiënt(e) onderzoeken), en bij risicogedrag.


Auteur(s):
dr. Jan R. Mekkes. Dermatoloog, AMC, Amsterdam.

23-04-2017 (JRM) - www.huidziekten.nl W3C-html-4.01-valid



web counter