MELANONYCHIA STRIATA (LONGITUDINALE MELANONYCHIA) home ICD10: L60.82

Melanonychia striata zijn longitudinale bruine tot bruinzwarte banden in de nagel. Kan berusten op een benigne subunguale melanocytaire laesie, maar ook op een subunguaal melanoom. Melanonychia striata komt vaak voor bij personen met een donkere huid, als fysiologisch verschijnsel. Het zit dan vaak aan meerdere vingers. Het komt ook voor tijdens de zwangerschap. Melanoom overwegen bij Hutchinson's sign (verschijnen pigment in de huid boven of naast de nagelmatrix), bij plotseling begin in één, tevoren gezonde nagel, zonder voorafgaand trauma, bij melanoom in de (familie-)anamnese, bij donkerder of breder worden van de band. Breder of donkerder worden van de band wijst op groei van de laesie.

Melanonychia striata Melanonychia striata
melanonychia striata melanonychia striata

Melanonychia striata Melanonychia striata
melanonychia melanonychia


DD:
Naevus naevocellularis, melanoom, traumatisch (subunguaal haematoom), onychomycose, fysiologisch (bij negroïden, en in de zwangerschap), lichen planus, m. Bowen, Peutz-Jeghers syndroom, Laugier-Hunziker disease, beschadiging nagelmatrix (radiotherapie), frictie (nagelbijten, knellende schoenen), interne ziekten (AIDS, m. Addison, Cushing syndroom, hyperthyreoidie, hemochromatose, porfyrie, vitamine B-12 deficiëntie), geneesmiddelen (zidovudine, hydroxyureum, cytostatica, tetracycline, ketoconazol, psoralenen). Zie ook onder nagelafwijkingen.


Oorzaken melanonychia:
Fysiologisch, raciaal
Traumatisch
Naevi
Subunguaal melanoom
Huidziekten (onychomycose, chronische paronychia, psoriasis, lichen planus, amyloïdose, chronische bestralingsdermatitis, systemische lupus erythematosus, sclerodermie, onychomatricoma, morbus Bowen, myxoid pseudocyste, basaalcelcarcinoom, verruca vulgaris, subunguale lineaire keratose, perniones)
Syndromen (Peutz-Jeghers syndroom, Christ-Siemens-Touraine syndroom, Laugier-Hunziker syndroom)
Systemische ziekten (Addison, Cushing, hyperthyreoidie, acromegalie, hemosiderose, hyperbilirubinemie, porfyrie, graft-versus-host disease, aids)
Geneesmiddelen (ACTH, amodiaquine, amorolfine, arseen, chloroquine, clofazimine, clomipramine,fenothiazine, fenytoïne, fluconazol, fluoriden, goudzouten, iIbuprofen, ketoconazol, lamivudine, mepacrine, MSH, minocycline, psoraleen, roxitromycine, steroiden, sulfonamide, thallium, timolol, zidovudine)
Chemotherapie (bleomycine, busulfan, cyclofosfamide, dacarbazine, daunorubicine, doxorubicine, etoposide, 5-fluorouracil, hydroxyureum, imatinib, melphalan, methotrexaat, nitrosureum-derivaten, stikstofmosterdverbindingen, tegafur)
Bron: Pasch MC. Melanonychia. Ned Tijdschr Dermatol Venereol 2014;24:77-82.

ABCDEF risicofactoren subunguaal melanoom
A Age 5e - 7e decade
B Brown bruinzwarte lijn, >3 mm, onregelmatige begrenzing
C Change verandering in kleur of breedte of aspect van de nagelplaat
D Digit duim, wijsvinger, grote teen
E Extension pigment ook in omliggende huid
F Family melanoom of dysplastische naevi in familie


Beleid: bij verdenking melanoom proximale deel nagel verwijderen en een biopt uit de matrix nemen. Zie voor techniek nagelmatrix biopt de video's onder subunguaal hematoom. Een nagelmatrix biopt afnemen is niet eenvoudig maar gaat als volgt:

1. Oberst anesthesie aanbrengen
2. Steriele handschoen over de hand aanbrengen
3. Knip het puntje er af en rol handschoen rond de vinger op als een tourniquet
4. Draai de tourniquet aan met een klem en fixeer de klem onder de teruggeslagen rand van de handschoen
5. Snij de huid van de nagelriem op 2 punten in en klap de huid om
6. Wrik de nagel los met een stevige schaar of een blad (als er een nagelextractie set is)
7. Snij een klein vierkant en oppervlakkig blokje uit de gepigmenteerde plek
8. Klap de huid terug, plaats eventueel ook een stuk nagel terug en hecht de huid vast

De complicaties zijn infectie (de nagel is zeer infectie gevoelig), pijn (de patiënt moet minimaal paracetamol en NSAID's of tramadol in huis hebben) en bloeding. Bij ingrepen aan de tenen ruim schoeisel meenemen rekening houdend met een drukverband.


Referenties
1. Richert B, Lateur N, André J. How to deal with longitudinal melanonychia? Ned Tijdschr Dermatol Venereol 2003;13:101-104.
2. Pasch MC. Melanonychia. Ned Tijdschr Dermatol Venereol 2014;24:77-82


Auteur(s):
dr. Jan R. Mekkes. Dermatoloog, AMC, Amsterdam.

23-12-2014 (JRM) - www.huidziekten.nl W3C-html-4.01-valid



web counter