MITOMYCIN-INDUCED PUSTULAR DRUG ERUPTION home ICD10: geen

Mitomycine C is een cytostaticum dat intravesiculair wordt toegediend bij blaascarcinomen. De bedoeling van de intravesiculaire toediening is de toxiciteit zo laag mogelijk te houden. Desondanks kunnen er toch systemische verschijnselen optreden. Een bijzondere manifestatie is een gegeneraliseerde pustuleuze eruptie die binnen korte tijd (al binnen 24 uur) na de blaasspoeling kan optreden. Niet al na de eerste keer, omdat het een type IV reactie is en daar is sensibilisatie voor nodig. De pustuleuze eruptie is ook op te roepen met een patchtest met 0.04% mitomycine. Dit is in 2012 beschreven door Andreu-Barasoain M. et al. (intravesical mitomycin C-induced generalized pustular folliculitis). Deze gegeneraliseerde pustuleuze eruptie lijkt op een AGEP (acute generalized exanthematous pustulosis) en kan ook worden beschouwd als een variant daarvan (mitomycin-induced AGEP). Alleen is een AGEP niet folliculair en is de mitomycine eruptie in de beschrijving van Andreu-Barasoain wel folliculair gerangschikt. Het is niet zeker of de eruptie alleen folliculair is, in de onderstaande foto's van een andere patiënt lijken ook niet-folliculaire pustels aanwezig. Naast de pustels kan in het begin malaise en verhoging of koorts aanwezig zijn. De pustels bevatten neutrofiele en eosinofiele granulocyten, en geen micro-organismen zoals Pityrosporon ovale, gisten, bacteriën of virussen.

Mitomycine kan ook een palmoplantair erytheem veroorzaken, dit komt vaker voor en word beschreven met namen zoals acraal erytheem, hand-foot syndroom, palmoplantar erythrodysesthesia syndrome (PPE), en chemotherapy-induced acral erythema (zie onder acraal erytheem). Bij deze vorm speelt een rol dat het chemotherapeuticum actief via de zweetklieren uit het lichaam wordt gewerkt, en dus daar in hoge, toxische concentratie aanwezig is. Dit mechanisme kan ook erythematosquameuze plaques met kleine pusteltjes veroorzaken op ander plaatsen dan alleen de handplamen en voetzolen, en dit staat bekend onder de naam neutrofiele eccriene hidradenitis. Mitomycine intravesiculair toegepast kan ook een gegeneraliseerde dermatitis (toxicodermie, type IV reactie) veroorzaken en zelfs vasculitis (type III reactie, immuuncomplexdeposities) met een purpurabeeld vooral aan de onderbenen. Verschillende reactie typen kunnen ook gelijktijdig voorkomen. Zie ook onder huidafwijkingen door cytostatica.

Mitomycin C induced generalized pustular eruption Mitomycin C induced generalized pustular eruption Mitomycin C induced generalized pustular eruption
mitomycin C pustular eruption mitomycin C pustular eruption mitomycin C pustular eruption

Mitomycin C induced generalized pustular eruption Mitomycin C induced generalized pustular eruption Mitomycin C induced generalized pustular eruption
mitomycin C pustular eruption mitomycine vasculitis mitomycine vasculitis


DD: AGEP, psoriasis pustulosis generalisata (Zumbusch), pityrosporon folliculitis, bacteriële folliculitis, stafyloccen pustulosis/pyodermie, viraal exantheem, Sneddon-Wilkinson disease, gedissemineerde candida, gegeneraliseerde herpes simplex, varicella zoster, herpes simplex, miliaria, neutrofiele eccriene hidradenitis, toxicodermie nno, acne medicamentosa, EGFR-remmers, Sweet syndroom.
DD purpura / rash onderbenen: vasculitis, purpura o.b.v. trombopenie, toxicodermie nno.

Diagnostiek:
Diff-quick (granulocyten, eosinofielen, geen micro-organismen, geen reuscellen), kweek pustel op bacteriën, gisten, en schimmels, viruskweek op indicatie als er serieus aan een gedissemineerde herpes wordt gedacht (dan is de patiënt ziek), en een biopt.

Therapie:
De gedissemineerde pustuleuze eruptie gaat vanzelf over na ongeveer een week. Symptomatisch kunnen corticosteroïden klasse II-IV worden gegeven, maar het is niet zeker of dat veel helpt. De pustels geven weinig klachten, dus geen therapie geven is ook een optie. Het veroorzakend middel, mitomycine, zal moeten worden gestopt.


Referenties
1. Andreu-Barasoain M, Gómez de la Fuente E, Pinedo F, Nuño A, López-Estebaranz JL. Intravesical mitomycin C-induced generalized pustular folliculitis. J Am Acad Dermatol 2012 Oct;67(4):e142-143.
2. Kunkeler L, Nieboer C, Bruynzeel DP. Type III and type IV hypersensitivity reactions due to mitomycin C. Contact Dermatitis 2000;42:74-76.
3. De Groot A, Conemans JMH. Systemic allergic contact dermatitis from intravesical instillation of the antitumor antibiotic mitomycin C. Contact Dermatitis 1991;24:201-209.
4. Halevy S, Kardaun SH, Davidovici B, Wechsler J. The spectrum of histopathological features in acute generalized exanthematous pustulosis: a study of 102 cases. Br J Dermatol 2010;163:1245-1252.
5. Corbalán-Vélez R, Peón G, Ara M, Carapeto FJ. Localized toxic follicular pustuloderma. Int J Dermatol 2000:39:209-211.


Auteur(s):
dr. Jan R. Mekkes. Dermatoloog, AMC, Amsterdam.

05-03-2014 (JRM) - www.huidziekten.nl W3C-html-4.01-valid



web counter