NEUROFIBROMATOSE (ziekte van von Recklinghausen) home ICD10: Q85.0

Neurofibromatose is een erfelijk neurocutaan syndroom dat bij circa 1 op de 3000 mensen voorkomt. In Nederland zijn er circa 4000-6000 neurofibromatose patiënten. De meest voorkomende vorm (neurofibromatose type 1) wordt veroorzaakt door een mutatie in het NF1-gen dat codeert voor het eiwit neurofibromine. Neurofibromine remt het eiwit RAS en als het RAS-eiwit te actief is ontstaat ongelimiteerde celgroei. Het speelt ook een rol bij de uitwisseling van signalen tussen hersencellen. Hierdoor kunnen leer-, psychische-, gedrag- en motorische stoornissen optreden. NF wordt ook wel de ziekte van Von Recklinghausen genoemd, naar de Duitse arts Friedrich Daniel von Recklinghausen die als eerste de zogenaamde neurofibromatosis beschreef.

Het klinisch beeld is sterk wisselend, soms zijn maar een paar onderdelen van het syndroom aanwezig. De kenmerkende huidafwijkingen zijn neurofibromen, café au lait maculae, en axillary freckling. Naast gegeneraliseerde NF1 bestaat ook een zeldzame segmentale vorm (mosaïcisme). Er bestaan verschillende subtypen van neurofibromatose.

Indeling neurofibromatosis:
neurofibromatosis type 1 (NF-1: von Recklinghausen)
neurofibromatosis type 2 (NF-2: vestibulaire schwannomen)
neurofibromatosis type 3 (NF-3: mixed)
neurofibromatosis type 4 (NF-4: variant)
neurofibromatosis type 5 (NF-5: segmentale vorm, café-au-lait vlekken en/of neurofibromen)
neurofibromatosis type 6 (NF-6: alleen café-au-lait vlekken)
neurofibromatosis type 7 (NF-7: late onset)
overige neurofibromatosen, niet nader omschreven (NF-NOS):
   - segmentale NF1 (mosaïcisme)
   - autosomaal dominante geïsoleerd voorkomende café au lait vlekken
   - Watson syndroom
   - Schwannomatosis



NEUROFIBROMATOSIS TYPE 1 (NF1) (von Recklinghausen) home ICD10: Q85.0

Neurofibromatosis type 1 (NF1) (von Recklinghausen) (OMIM 162200) is een syndroom gekenmerkt door aanwezigheid van café au lait maculae, tumoren uitgaande van het zenuwstelsel (neurofibromen bij NF1, Schwannomen bij NF2) en Lisch noduli. Autosomaal dominant, in ca de helft nieuwe mutatie, variabele expressie. De diagnose kan worden bevestigd met DNA-diagnostiek, dit kan in Rotterdam (zie formulier DNA-diagnostiek Erasmus).

Ook onderdeel van het syndroom kunnen zijn: macrocephalie, klein postuur, verminderde intelligentie, epilepsie, scoliose, en (zeldzamer) CZS-tumoren, spinale neurofibromen, sarcoma en rhabdomyosarcoma, pseudoarthrosis fibula (en tibia), aquaductstenose, gastrointestinale neurofibromen, nierarteriestenose, feochromocytoom, duodenumcarcinoom, congenitaal glaucoom, juveniel xanthogranuloom, leukemie en cerebrovasculaire incidenten.

Diagnostische criteria: twee of meer van de volgende symptomen:
- 6 of meer café au lait vlekken (> 5 mm in doorsnee voor puberteit, > 15 mm na puberteit)
- 2 of meer neurofibromen of 1 plexiform neurofibroom
- axillary freckling: axillaire (of inguinaal, perineum) café au lait vlekken (1-3 mm doorsnede)
- N. Opticus of chiasma-opticum glioom
- 2 of meer Lisch noduli: geel-bruine noduli < 2 mm (hamartomen) op de iris
- specifiek primair botdefect (bijvoorbeeld pseudoarthrose van de tibia, aplasie van één der lange pijpbeenderen, dysplasie van het os sphenoidale)
- eerstegraads familielid met NF1

Café au lait vlekken
Café au lait macula zijn egaal lichtbruin gepigmenteerde maculae (0.5-50 cm), niet exclusief voor NF indien minder dan 6. Eerste begin van de ziekte, komt ook (zelden) geïsoleerd voor. Bij > 80%, neemt toe tijdens eerste levensjaar. Overige manifestaties kunnen pas op oudere leeftijd volgen. Axillary freckling (multipele kleine café au lait macula in de oksels en liezen) komt voor bij circa 80%).

Cafe au lait macula Cafe au lait macula Cafe au lait macula
café au lait macula café au lait macula café au lait macula

Axillary freckling Axillary freckling Axillary freckling
axillary freckling axillary freckling inguinal freckling

Neurofibromen
Neurofibromen ontstaan later, na het 10e jaar. Bij 60-90%, Het zijn tumoren van spoelvormige cellen uitgaande van de zenuwkapsels, niet lokaal invasief. Dermale neurofibromen liggen in de dermis en epidermis, gaan uit van kleine huidzenuwen, zijn niet ingekapseld, mobiel, en kunnen eenvoudig verwijderd worden. Nodulaire neurofibromen gaan uit van de grote perifere zenuwen, zijn vaster aanvoelend, ingekapseld, kunnen neurologische symptomen geven door druk op de zenuwen waar ze aan gefixeerd zijn, en zijn moeilijker te verwijderen vanweg hun relatie tot de zenuwen.

Neurofibromatosis type 1 Neurofibromatosis type 1 Neurofibromatosis type 1
neurofibromen neurofibromen neurofibromen

Neurofibromatosis type 1 Neurofibromatosis type 1 Neurofibromatosis type 1
neurofibromen neurofibromen neurofibromen


Neurofibromen
Plexiforme neurofibromen
Tumoren uitgaande van perifere zenuwen, spoelvormige cellen, lokaal invasief. Komt voor bij circa 10%, ontstaat vaak pas rond 4-5e levensjaar. Kunnen ontaarden in een maligne sarcoom (2-5%). Er is een diffuse vorm (grote subcutane zwellingen, slecht afgrensbaar van de omgeving, moeilijk te verwijderen) en een nodulaire vorm.

Plexiforme neurofibromen Plexiforme neurofibromen Plexiforme neurofibromen
plexiforme neurofibromen plexiforme neurofibromen plexiforme neurofibromen


Beleid:
Eerste 2 jaar regelmatige controle op ontwikkeling plexiforme neurofibromen, glaucoom, botdefecten en pseudoarthrosis. Jaarlijkse controle (nieuwe lesies, bloeddruk). Aandacht voor leerachterstand en psychische gevolgen. Excisie van storende lasies. Biopt, MRI, PET-scan bij verdenking op plexiforme neurofibromen of maligne sarcoom. Er zit een bepaald verloop in de klachten die kunnen ontstaan (zie grafiek).

Beloop van neurofibromatosis
Zie ook www.neurofibromatose.nl.



NEUROFIBROMATOSIS TYPE 2 (NF2) (Wishart) home ICD10: Q85.02

Neurofibromatosis type 2 (F2) (Wishart) (OMIM 101000) is zeldzamer, ook met café au lait vlekken en tumoren uitgaande van zenuwen, echter histologisch Schwannomen (S-100 kleuring). De meeste patiënten hebben tevens bilaterale n. acusticus neurinomen.

Diagnostische criteria:
- bilaterale vestibulaire Schwannomen (VS), of:
- NF2 in de familie plus eenzijdige VS, of:
- NF2 in de familie plus 2 of meer uit de volgende symptomen: meningeoom, glioom, Schwannoom, juveniele posterior subcapsulaire glasvocht troebeling, juveniel corticaal cataract.



SEGMENTALE NEUROFIBROMATOSIS TYPE 5 home ICD10: Q85.05

Segmentale neurofibromatose type 5 (NF5) is niet wezenlijk anders dan NF1, alleen in een distributie die dermatomaal is of volgens de Blaschko lijnen (mosaïcisme). Binnen het aangedane segment kunnen de afwijkingen ernstiger zijn dan bij het gewone type, maar de prognose is beter omdat de complicaties van NF1 zelden optreden.



WATSON SYNDROOM home ICD10: Q85.0

Het Watson syndroom (OMIM 193520) is een variant met café au lait vlekken, pulmonaire stenose, en verminderde intelligentie.



SCHWANNOMATOSIS home ICD10: D36.11

Schwannomatosis is het geïsoleerd voorkomen van multipele Schwannomata (neurilemmoma), zonder aanwijzingen voor NF2.


Auteur(s):
dr. Jan R. Mekkes. Dermatoloog, AMC, Amsterdam.

15-04-2017 (JRM) - www.huidziekten.nl W3C-html-4.01-valid

web counter