|
PEMPHIGUS BENIGNUS FAMILIARIS CHRONICUS (ziekte van Hailey Hailey, pemphigus benigna) |
codes 0757.3909 / Q82.81 |
De ziekte van Hailey-Hailey werd voor het eerst in 1939 beschreven door de broers Hugh Edward Hailey en William Howard Hailey. Het is zeldzaam en wordt gekarakteriseerd door recidiverende vesikels en erosies in de lichaamsplooien. Het openbaart zich meestal tussen het 20ste en 40ste jaar. Mannen en vrouwen zijn gelijk aangedaan.
Etiologie
Autosomaal dominante aandoening waarvan het
genetisch defect in het ATP2C1 gen (chromosoom 3q21-24) bevindt. Dit gen codeert
voor het eiwit SPCA1 (Secretory Pathway Calcium/manganese-ATPase) dat
verantwoordelijk is voor de calciumhuishouding in de cel. Normaliter linken
keratinocyten zich met desmosomen aan elkaar vast. Door intracellulair calciumtekort
raakt op nog onverklaarde wijze de hechting tussen de keratinocyten verstoord, hierdoor schuift de
huid gemakkelijk af waardoor erosies en vesikels ontstaan. Gendiagnostiek voor
screening van familieleden is nog niet beschikbaar.
Symptomen
Het bevindt zich vooral in de lichaamsplooien zoals oksels, hals, submammair,
elleboogsplooien, liezen, perianaal en schaamstreek.
Eerst ontstaan er vesikels (Nikolsky negatief), erythemateuze en soms verruceuze
plaques en pustels, daarna crustae en pijnlijke erosies en fissuren. De laesies
breiden naar de randen toe uit, met centrale genezing. Daarnaast ook
jeukklachten en branderigheid. Secundaire infectie (Staphylococcus Aureus of
Candida) kan onwelriekende geuren veroorzaken maar ook de aandoening
verergeren. Frictie door kleding, zweten en
warmte kunnen de klachten verergeren. Soms zijn er multipele asymptomatische longitudinale witte strepen op de nagels
aanwezig. Slijmvlies afwijkingen zijn zeldzaam.
|
typische erosies en fissuren |
typische erosies en fissuren |
Hailey-Hailey |
Hailey-Hailey |
Hailey-Hailey |
Hailey-Hailey |
Complicaties
Verhoogde kans op contactallergie op lokale therapeutica door de gemacereerde huid. Superinfectie met bacterien en/of schimmels. Superinfectie met Herpes simplex virus (pijnlijke exacerbaties), lastig te differentiëren van een vesiculaire vorm van Hailey-Hailey. In zeldzame gevallen kan plaveiselcel carcinoom ontstaan.
Diagnostiek
De diagnose wordt gesteld op het klinisch en histologisch beeld. Histologisch is
het lastig van een dyskeratosis follicularis (m. Darier) of m. Grover te
onderscheiden, maar klinisch is dat eenvoudig (de distributie is geheel anders).
Verder is de directe immunofluorescentie negatief.
Serologisch zijn er geen circulerende auto-antilichamen tegen epidermis detecteerbaar.
Kweken (bacterie, virus, schimmel/gist) op indicatie op basis van het klinisch beeld.
Plakproeven bij verdenking contactallergie.
Histologie
Histologisch is er sprake van een intra-epidermale splijting (acantholyse) op suprabasaal niveau. De keratinocyten liggen op sommige plaatsen volledig los van elkaar hetgeen de indruk maakt van een bouwvallige ingestorte muur ('dilapidated brick wall'). Het histologisch beeld is moeilijk te onderscheiden van gewone pemphigus, maar wel met immunofluorescentie (negatief bij Hailey-Hailey). Verschillen zijn dat de acantholyse bij Hailey Hailey over de hele epidermisdikte voorkomt en dat de dyskeratose minder is.
|
PA pemphigus benigna |
PA pemphigus benigna |
Differentiële
diagnose
Klinisch: erythrasma, candidiasis,
tinea cruris, psoriasis
inversa, intertrigineus eczeem,
seborrhoisch eczeem, extramammaire Paget's disease,
necrolytic migratory erythema.
Histologisch: pemphigus (erythematosus, foliaceus, vulgaris, IgA, vegetans, drug-induced), dyskeratosis follicularis (ziekte van Darier), transiente acantholytische dermatose (ziekte van Grover).
Therapie
Eerste keuze:
Advies: ruimzittende kledingstukken om frictie te verminderen.
R/ Lokaal corticosteroïd,
cave atrofie in de oksels en liezen door
langdurig gebruik .
R/ Lokale antimicrobiële producten
zoals chloorhexidine, fusidinezuur,
tetracycline (topicaal 3% zalf of crème FNA).
R/ Systemische antibiotica (erythromycine, Klacid, floxapen, minocycline), antimycotica (Trisporal) of (bij herpes infectie) antivirale middelen (Zelithrex).
Een
combinatie van topicale corticosteroïden en antimicrobiële
middelen geeft een goede respons.![]()
R/ hydrocortisonacetaat 1% in chloorhexidine digluconaat 1% crème FNA, chloorhexidine digluconaat 1% in hydrocortisonzalf 1% FNA
R/ triamcinolonacetonide 0.1% in chloorhexidine digluconaat 1% crème FNA, chloorhexidine digluconaat 1% in triamcinolonzalf 0.1% FNA.
R/ Hydrocortisontetracyclinecrème FNA, hydrocortisontetracyclinezalf FNA, triamcinolontetracycline crème FNA.
R/ hydrocortisonfusidinecrème of zalf, triamcinolonfusidinecrème of zalf.
Tweede
keuze:
R/ Protopic (tacrolimus),
eventueel alternerend gebruik met topicaal corticosteroïd.
R/ Silkis (calcitriol).![]()
Corticosteroid (systemisch) succesvol bij uitgebreide huidafwijkingen,
echter snel recidief bij het staken.![]()
Derde
keuze:
R/ Chirurgische methoden: dermabrasie of totale
excisie van de aangedane huid gevolgd door huidtransplantatie.
Geadviseerd als laatste redmiddel,
recidieven aan
de randen van behandelde gebieden zijn beschreven.
R/ CO2 laser (zelfde principe als dermabrasie, verwijderen van de bovenste
huidlaag en hopen dat een normale epidermis teruggroeit.![]()
R/ Botulinium toxin A (Botox, Disport).
In de oksel ter vermindering van de
zweet productie (in die gevallen waarbij dit de zaak verergert).
R/
Retinoiden (oraal), o.a. Neotigason (acitretine) 30 mg dd.![]()
R/ Dapson.![]()
R/
Methotrexaat (op basis van een case report waarbij een goed respons werd behaald met 15
mg per week).![]()
R/ Neoral (ciclosporine, maximaal 5 mg/kg).![]()
Prognose
De ziekte van Hailey-Hailey is een goedaardige maar zeer hinderlijke chronisch
verlopende huidaandoening, waarbij er een verergering optreedt in de
zomermaanden. De klachten worden minder bij het ouder worden.
Referenties
|
1. |
Dhitavat J, Fairclough RJ, Hovnanian A, Burge SM. Calcium pumps and keratinocytes: lessons from Darier's disease and Hailey-Hailey disease. Br J Dermatol 2004;150:821-828. |
|
2. |
Emedicine.com topic 150. |
|
3. |
Lebwohl. Treatment of skin disease. Second edition 2006. |
|
4. |
Rook's Textbook of dermatology. Seventh edition 2004. Volume II:40.32-40.36 |
04-11-2007 (FKW) - www.huidziekten.nl