PITYRIASIS ROSEA (ZIEKTE VAN GIBERT) home ICD10: L42

Pityriasis rosea is een acuut verlopende, spontaan genezende (in 5-6 weken) erythemato-squameuze dermatose (soms erythemato-papulo-squameus, soms vesiculeus, zelden urticarieel). Het komt vooral voor tussen 10e en 35e jaar (piek 23e), bij vrouwen iets meer dan bij mannen (1.5:1). Vooral in voor- en najaar. De oorzaak is niet bekend. Een virale genese is gesuggereerd (mycoplasma, picornavirus, HHV6, HHV7) maar niet bewezen. In 80% voorafgegaan (enkele dagen - 1 week) door een 'herald patch' of 'plaque mère': een solitaire ovaal tot ronde 2-5 cm grote laesie, helderrood, soms bruinrood, soms ingezonken bruinkleurig centrum, bedekt met schilfers, op de romp, dij of bovenarm. Verder geen klachten, soms (20%) een virale infectie een week tevoren. Vervolgens een jeukende eruptie die hieronder volgens PROVOKE is uitgeschreven (ter illustratie van het concept PROVOKE om huidafwijkingen te beschrijven). Slechts zelden algemene symptomen: koorts, lymfklierzwellingen, hoofdpijn.

Pityriasis rosea Pityriasis rosea Pityriasis rosea
herald patch herald patch pityriasis rosea

Pityriasis rosea Pityriasis rosea Pityriasis rosea
pityriasis rosea pityriasis rosea pityriasis rosea


PROVOKE: (zie ook onder efflorescenties)
P op romp en proximaal deel extremiteiten, soms beneden elleboog (50%), in gezicht (15%), palmoplantair (zelden)
R symmetrisch gedistribueerde, ovale laesies met lengte-as volgens de splijtlijnen vd huid (dennenboom configuratie)
O lenticulair tot nummulair (1-2 cm) groot
V ovaalvormige roze-rode plekjes met pityriasiforme schilfering. De oudere vertonen centrale verbleking en een fijne schilferzoom binnen de rode rand (medaillon)
O scherp begrensd
K roze rood / bleek centrum
E erythematosquameuze plaques (NB: zeer zelden vesiculeus, vesiculobulleus)

Diagnostiek:
De diagnose wordt gesteld op het klinisch beeld. Soms is een luesserologie nodig voor de DD.

DD: secundaire syphilis, toxicodermie (o.a. t.g.v. goud), pityriasis rosea-achtige eczematide, pityriasis rosea-achtige myciden (schimmels zoeken), pityriasis versicolor, eczema nummulare, parapsoriasis (superficial scaly dermatitis), pityriasis lichenoides chronica, psoriasis guttatae, primair HIV exantheem, viraal exantheem nno, erythema annulare centrifugum, erythema dyschromicum perstans, erythema multiforme, lichen planus, tinea corporis.

Therapie:
Geen, gaat vanzelf over, meestal in circa 6 weken, bij sommigen duurt het langer (3-4 maanden). Eventueel emollientia of antipruriginosa:
R/ cremor vaselini cetomacrogolis FNA
R/ cremor lanette I FNA met 1% menthol of 1% menthol in carbomeerwatergel FNA.
R/ cremor lanette I, acidum salicylicum 1-2% eventueel bij schilfering.
R/ antihistaminicum bij jeuk.
R/ HCA of TAC crème, Locoid vetcrème.
R/ Zovirax (aciclovir) in een hoge dosis (5 dd 800 mg) gedurende 1 week zou, mits in de eerste ziekteweek gegeven, de symptomen verminderen.
Bij secundaire infectie kan men een antiseptische crème geven, of:
R/ chloorhexidine 0.5% in ung of cremor TAC 0.1% FNA.
Bij hevige jeuk eventueel UVB.


patientenfolder


Referenties
1. Drago F, Vecchio F, Rebora A. Use of high-dose acyclovir in pityriasis rosea. J Am Acad Dermatol 2006;54(1):82-85.
2. Rassai S, Feily A, Sina N, Abtahian S. Low dose of acyclovir may be an effective treatment against pityriasis rosea: a random investigator-blind clinical trial on 64 patients. J Eur Acad Dermatol Venereol 2011; 25(1):24-26.
3. Ganguly S. A Randomized, Double-blind, Placebo-Controlled Study of Efficacy of Oral Acyclovir in the Treatment of Pityriasis Rosea. J Clin Diagn Res 2014;8(5):YC01-04.


Auteur(s):
dr. Jan R. Mekkes. Dermatoloog, AMC, Amsterdam.

17-05-2014 (JRM) - www.huidziekten.nl W3C-html-4.01-valid



web counter