|
PSORIASIS UNGUIUM |
codes 0696.1021 / L40.81 |
|
Circa 50-80% van de psoriasis patiënten heeft psoriasis unguium (psoriasisnagels). Bij psoriasis met gewrichtsklachten zelfs 85%. Nagel psoriasis als geïsoleerd verschijnsel zonder verder huidafwijkingen komt regelmatig voor, mogelijk heeft zelfs 5-10% van de bevolking dit (de incidentie van psoriasis in Nederland is 2.5%). Het is vaak een cosmetisch probleem, en soms veroorzaakt het pijn en hinder bij het normaal gebruik van de vingers. Het is moeilijk te behandelen. Systemische therapie is bij geïsoleerde nagel psoriasis vaak te zwaar in verhouding tot het aangedane gebied, en lokale therapie dringt moeilijk door tot de matrix. Bij elke therapie moet de behandeling lang worden volgehouden (3-4 maanden) en het resultaat langdurig worden afgewacht (2 maanden), omdat de nagel langzaam groeit (0.1 mm per dag).
Klinisch beeld: Verdikking van de nagel (subunguale hyperkeratose), distale loslating (distale onycholyse), bruine verkleuring (olievlekfenomeen), putjes in de nagelplaat, pustulosis, splinterbloedingen, paronychia in de nagelwal.
DD: Mycose, paronychia, bacteriële infecties, nageldystrofie, lichen planus, eczeem, contacteczeem, alopecia areata. Infecties met schimmels (Candida) en/of bacteriën kunnen gecombineerd met nagelpsoriasis voorkomen. Zie verder onder nagelafwijkingen.
Therapie: Trauma aan de nagels vermijden (Köbnerfenomeen kan optreden), korthouden, verzorgen, invetten, geen subungale hyperkeratose wegschrapen met scherpe voorwerpen, geen plak kunstnagels aanbrengen. Therapie is moeizaam. Superinfecties op grond van kweek bestrijden (cave anaëroben). R/ lokale corticosteroïden klasse III-IV, 1-2 dd, eventueel onder occlusie. R/ nagellak met 8% clobetasoldipropionaat 0.05% (clobetasol nail lacquer, VS, niet in Nederland). R/ Intralesionale corticosteroiden (Kenacort 10) 1-2 keer per maand gedurende 6 maanden, injecteren of met behulp van de dermojet. In danwel dichtbij de proximale nagelmatrix injecteren. Pijnlijke behandeling. R/ salicylzuur 10% in betamethason of clobetasol zalf (salicylzuur 10% in Dermovate zalf). R/ salicylzuur 20% in vaseline gedurende 2 weken, daarna Dermovate zalf. R/ Overige middelen met geringe verbetering: calcipotriol, tazaroteen 0.1% gel, 5-FU creme, dithranolgel 0,5-2%. R/ topicale PUVA-therapie. R/ Neoral (ciclosporine) drank 100 mg/ml 70%, maisolie 30% ad 10 ml in flacon met penseel. S/ 2 dd nagel en gebied nagelriem mee penselen. Hiervan is een wonderbaarlijk goed effect beschreven in een kleine Italiaanse studie. Er wordt echter getwijfeld aan de betrouwbaarheid van deze publicatie. De resultaten kunnen niet door anderen worden gereproduceerd, en de maisolie met Neoral geeft een lelijke gele verkleuring van de nagels. Advies: niet aan beginnen. R/ Systemische therapie in ernstige gevallen (Neotigason, methotrexaat, TNF-remmers).
Referenties
26-03-2011 (JRM / PBN) - www.huidziekten.nl |
|
||||||||||||||||||||
|
|
|
|
|||||||||||||||||||
|
|
|
|
|||||||||||||||||||
|
|
|||||||||||||||||||||