REITER, MORBUS REITER

 

Klassieke trias: 1) urethritis (en/of proctitis), gevolgd door 2) niet-suppuratieve polyarthritis, en 3) conjunctivitis en/of uveitis. Soms slijmvlieslesies (balanitis circinata), soms psoriasis-achtige leasies op voetzolen of elders (keratoderma blenorrhagica). Diagnose stellen op arthritis + urethritis, cervicitis, bacillaire dysenterie (Yersinia, Salmonella, Shigella), conjunctivitis, irido-cyclitis, of mucocutane laesies. Serologie: IgG en IgM tegen Chlamydia trachomatis verhoogd. Volledig SOA-onderzoek doen indien via sexueel contact opgelopen. HLA B27 is bij 80-85% aanwezig, een positieve uitslag is prognostisch ongunstig t.a.v. de ernst en duur v.d. klachten. Therapie: symptomatisch, in de acute fase bedrust, voor de arthritis:

R/ salicylaten of ibuprofen (Brufen), zie onder pijnstilling. Voor de urethritis:

R/ doxycycline 2 dd 100 mg (of tetracycline 4 dd 500 mg) gedurende 3 weken.

Conjunctivitis: regelmatig reinigen van het oog; in ernstige gevallen corticosteroïd-oogdruppels.

Huidafwijkingen: lokaal corticosteroïd-crème of -zalf. Probeer uit of

tetracycline helpt (3-4 dd 500 mg; remming neutrofiele chemotaxis). Systemische therapie met corticosteroïden en/of methotrexaat is zelden geïndiceerd.

 

 

 

 

31-12-2003 (JRM) -  www.huidziekten.nl