URTICARIA T.G.V. FYSISCHE FACTOREN

codes 0708.9008 / L50.9

 

 

URTICARIA FACTITIA (dermografische urticaria, dermografisme)

codes 0708.3002 / L50.3

  

Dermografische urticaria (urticaria factitia, dermografisme) ontstaat door wrijven of krabben over de huid. Hierbij ontstaat binnen 10 minuten een jeukende verhevenheid die na 30 minuten tot 3 uur weer vervaagt. Het is te testen door stevig met de achterkant van een balpen of gestandaardiseerde testpen over de huid te strijken, bij voorkeur op de rug of binnenkant onderarm. In de meeste gevallen ontstaat er al binnen vijf minuten een jeukende, lineaire verhevenheid, roze of wit gekleurd en omringd door een wegdrukbare roodheid. (Het normale beeld is: een lichtrode niet verheven streep op de krabplaats die snel vervaagt, vaak al binnen 5 minuten.) Het erytheem verdwijnt eerder dan het oedeem. Na prikkeling is het huidgebied ongeveer 3 uur refractair (de reactie is niet opnieuw op te wekken).

 

dermografisme (urticaria factitia)

dermografisme (urticaria factitia)

dermografisme (urticaria factitia)

 

Een positieve reactie op dermografie komt voor bij 1.5-5% van de normale bevolking. Het komt vaker voor bij atopie. De oorzaak is niet bekend, het is onduidelijk waardoor dermografisme opeens kan ontstaan. Het kan ook vanzelf overgaan, na enkele maanden tot jaren. 

Er bestaat ook een vertraagde vorm van dermografisme, moeilijk te onderscheiden van druk urticaria, waarbij de urticae pas na 30 minuten tot 9 uur ontstaan en 12 tot 24 uur kunnen duren, en een vorm (rode dermografie) waarbij het oedeem binnen 15 minuten verdwijnt, terwijl het erytheem pas na ongeveer een uur verdwijnt.

 

Therapie:

Urticaria factitia reageert goed op antihistaminica. Verder is voorlichting belangrijk. De patiënt moet zich zo weinig mogelijk krabben, voorzichtig afdrogen (na douchen niet wrijven maar deppen), geen strakke kleding dragen. Eventuele andere oorzaken van jeuk opsporen en bestrijden. Blootstelling aan zonlicht ('verwering') maakt de huid minder gevoelig. Lichttherapie met breedspectrum UVB is in het verleden geprobeerd bij therapie resistente vormen en had bij een deel van de patiënten een (tijdelijk) effect.

R/ niet sederende antihistaminica: Xyzal (levocetirizine) 1-2 dd 1 tab à 5 mg, Zyrtec (cetirizine) 1-2 dd 1 tab à 10 mg, Claritine (loratadine) 1 dd 1 tab à 10 mg

Zonodig overgaan op sederende antihistaminica (als beroep patiënt dit toelaat):

R/ Tinset (oxatomine) 2 dd 1-2 tab à 30 mg, Zaditen (ketotifen) 2 dd 1-2 tab à 1 mg.

R/ Breedspectrum UVB.

 

 

 

URTICARIA CHOLINERGICA (cholinergische urticaria, warmte urticaria)

Cholinergische urticaria ontstaat in situaties waarbij de eccriene zweetklieren tot secretie worden aangezet, hetgeen gebeurt door het vrijkomen van acetylcholine in postganglionaire synapsen. De urticae, kleine (1-3 mm) papeltjes op een wisselend erythemateuze ondergrond, ontstaan bij verhoging van de lichaamstemperatuur ten gevolge van inspanning of het verkeren in een warme omgeving, maar ook door sterk gekruid voedsel, koffie, en stress of emoties. Algemene symptomen zoals buikklachten, speekselvloed, hoofdpijn en onrust kunnen voorkomen. Zelden angio-oedeem en anafylaxie. Na een aanval is er een refractaire periode die enkele uren tot 24 uur kan duren. Dit biedt de patiënt de mogelijkheid aanvallen tijdens belangrijke sociale gebeurtenissen (bv. sollicitatie) te voorkomen door 2-3 uur tevoren een hete douche te nemen. Therapie: verminderen van de prikkel: minder en kouder douchen, stress situaties vermijden, geen sterk gekruid voedsel gebruiken. Sommigen vermijden sport en inspanning, maar dit is een moeilijk te geven advies, vooral bij jonge mensen. Dreigende aanvallen zijn te couperen door snel een koude omgeving op te zoeken. Aanvallen tijdens stressvolle sociale gebeurtenissen kunnen worden voorkomen door 2-3 uur tevoren een aanval te provoceren met oefeningen of een hete douche, waarna de huid enige uren refraktair is.

R/ Antihistaminica. Enige sederende bijwerking is juist een voordeel, maar indien de patiënt dit te bezwaarlijk vindt kunnen beter nieuwere, minder sederende antihistaminica gegeven worden. De sederende werking van antihistaminica wordt overigens na ongeveer een week minder, ofwel de patiënt went eraan.


URTICARIA T.G.V. KOUDE (koude urticaria)

Bij koude urticaria ontstaat het oedeem en erytheem op plaatsen die blootgesteld zijn aan koude voorwerpen, koud water of koude lucht. Testen door ijsblokjes in een plastic zak of metalen beker 10-20 minuten op de onderarm of rug te plaatsen, door de arm 5 tot 15 minuten onder te dompelen in koud water (8-10 C), of door de patiënt licht gekleed in een koelcel (4C) te laten plaats nemen tot hij of zij rillingen krijgt. Sommige patiënten reageren niet op koudekontakt maar wel op koude omgevingslucht. De patiënt moet 15-45 minuten worden geobserveerd. De urticae verschijnen meestal pas in de opwarmingsfase.

Therapie: provocerende situaties trachten te vermijden (warm kleden, etc.). Bij ernstige reacties niet in koud water zwemmen of in ieder geval niet alléén in koud water zwemmen.

Desensibilisatie: patiënt onder begeleiding langzaam aan de kou laten wennen. Eerste dag: handen in koud water (8-10C) voor 15 minuten 4 keer per dag. Tweede dag: handen en voeten in koud water (8-10C) voor 15 minuten 4 keer per dag. Derde dag: handen, voeten en onderarmen in koud water (8-10C) voor 15 minuten 3 keer per dag. Vierde dag: lichaam tot hoogte navel in koud water (10-15C) voor 15 minuten 3 keer per dag. Vijfde dag: lichaam tot hoogte diafragma in koud water (10-15C) voor 15 minuten 3 keer per dag. Zesde dag: koude douche 1-2 maal daags, dit continueren. Dit schema kan ook ingekort worden als geen klachten optreden.

R/ Antihistaminica (b.v. levocetirizine, terfenadine, astemizol, oxatomide, ketotifen). Cyproheptadine zou goed werkzaam zijn tegen koude urticaria maar heeft wel enige bijwerkingen (sederend, eetlust bevorderend, anticholinerg).

R/ penicilline (1 miljoen I.E. I.M. per dag, gedurende 10 dagen). Op onbegrepen wijze kan een penicillinekuur 25 tot 50 % van de patiënten met koude urticaria genezen.

R/ Sinequan (doxepine) 1 dd 75 mg v.d. nacht. Tricyclisch antidepressivum waarvan beweerd wordt dat het iets doet bij koude urticaria en urticaria e.c.i.


URTICARIA T.G.V. DRUK (druk urticaria)

3 tot 12 uur na het uitoefenen van druk op de huid door kleding, stoelen, bezigheden, gereedschappen, ladders, lang staan of lang lopen etc. ontstaat ter plaatse een diep gelokaliseerde pijnlijke, brandende of jeukende zwelling die 8 tot 48 uur kan blijven bestaan. De overliggende huid is warm en rood. Doordat de laesies pas na uren ontstaan is het niet altijd duidelijk dat druk de causale factor is. Testen door gewichten op de rug te plaatsen of een gewicht van 2-10 Kg gedurende 10-30 minuten aan een band over het dijbeen of de schouder te hangen. Differentiële diagnose: dermografisme, waarbij de urticae direkt na de prikkel ontstaan, en aan chronische urticaria e.c.i, waarbij ook urticae kunnen verschijnen op drukplaatsen zoals onder broeksknopen, riemen, BH-bandjes, etc. (een soort Köbnerfenomeen). Meestal zijn er dan tevens urticae op andere plaatsen, en verdwijnen alle urticae gelijktijdig. Over de pathogenese van druk urticaria is weinig bekend. Op onbekende wijze veroorzaakt de fysische prikkel het vrijkomen van chemotactische factoren waardoor leucocyten worden aangetrokken. Dit verklaart de lange latentietijd. Vaak vindt men bij laboratoriumonderzoek een verhoogde bezinking, verhoogd aantal eosinofielen en een verhoogd IgE. In ongeveer de helft van de gevallen komt drukurticaria in combinatie voor met chronische idiopathische urticaria. Antihistaminica zijn niet werkzaam, corticosteroïden wel.

Therapie: uitlokkende prikkel vermijden, patiënt goed voorlichten, geen salicylaten gebruiken.

R/ corticosteroiden (tot 30 mg prednison per dag, het liefs om de dag en zo weinig mogelijk). Eventueel begeleidende chronische urticaria e.c.i. onderdrukken met antihistaminica.

 

URTICARIA SOLARIS (photodermatosis urticaria)

Bij urticaria solaris veroorzaakt blootstelling aan licht (elektromagnetische straling) binnen enkele seconden tot minuten oedeem en erytheem, dat tot 3 uur kan blijven bestaan. Verschillende golflengten licht kunnen dit fenomeen veroorzaken. Bij sommige vormen veroorzaakt door UVB (280-320 nm) en zichtbaar licht (400-675 nm) is aangetoond dat IgE een rol speelt. Differentiële diagnose: gewone zonverbranding, warmte (cholinergische) urticaria, veroorzaakt door het infrarode deel van zonlicht (vanaf ca. 760 nm), SLE, fototoxische- en foto-allergische reacties, polymorfe lichterupties, en erytropoetische protoporfyrie, een aparte erfelijke metabole stoornis waarbij blootstelling aan licht van 405 nm erytheem, blaren en zelden urticaria kan veroorzaken.

Therapie: vermijden van zonlicht. Desensibilisatie: huid geleidelijk wennen aan zonlicht, UVA, of PUVA.

R/ Sunscreens, afhankelijk van de golflengte (zie tabel bij SUNSCREENS).

R/ Antihistaminica hebben soms effekt (o.a. terfenadine, levocetirizine, astemizol, ketotifen en hydroxyzine).

R/ Chloroquine kan de symptomen onderdrukken (2 dd 250 mg, afbouwen tot 250 mg eens in de 5 dagen), maar heeft bijwerkingen.


URTICARIA T.G.V. WARMTE / CONTACT MET HETE VOORWERPEN (hitte contact urticaria)

Vermijden hitte kontakt. Desensibilisatie: geleidelijk wennen aan hete baden.

 

INSPANNINGSAFHANKELIJKE ANAFYLAXIE

Tijdens of na inspanning: pruritus, urticaria, angio-oedeem, anafylaxie. Soms alleen reactie na bepaalde voedingsmiddelen (pinda, spagetti), soms positieve RAST op voedingsmiddelen.

Laat voedingsdagboek bij houden. Bij voedingsfactor: dit voedingsmiddel niet nuttigen 2-4 uur voor sporten. Therapie als bij anafylaxtische shock, zonodig:

R/ Epipen en Tavegil voor thuis.

 

 

 

 

31-12-2003 (JRM) -  www.huidziekten.nl