BLOEDONDERZOEK BIJ BULLEUZE DERMATOSEN home ICD10: n.v.t.


Laboratoriumonderzoek bij bulleuze dermatosen:
In het algemeen is 5 ml (liever 10 ml) stolbloed (of 2 ml serum) voldoende.
De volgende antistoffen kunnen worden bepaald:

Pemphigus groep:
● anti-epidermale intercellulaire substantie, IgG (anti-ICS)

Pemphigoïdgroep:
● anti-epidermale basaalmembraanzone, IgG (anti-EBMz)

Parapemphigus:
● anti-epidermale basaalmembraanzone, IgG (anti-BPA) (80%)

Epidermolysis bullosa:
● anti-epidermale basaalmembraanzone, IgG (anti-EBA) (70%)

Herpes gestationis:
● anti-epidermale basaalmembraanzone, IgG1 (HG-factor) (20%)
● C-fix test (100%)

Lineaire IgA dermatose:
● anti-epidermale basaalmembraanzone, IgA (anti-EBMz) (50%)

Chronic bullous disease of childhood:
● anti-epidermale basaalmembraanzone, IgA (anti-EBMz) (75%)

Dermatitis herpetiformis:
● anti-endomysium (bij darmafwijkingen), IgA (anti-Emy)

Zie ook onder diagnostiek bij blaarziekten en immunofluorescentie

spacer

normaalwaarden
overzicht bloedonderzoek bij dermatologische indicaties


Auteur(s):
dr. Jan R. Mekkes. Dermatoloog, AMC, Amsterdam.

01-05-2017 (JRM) - www.huidziekten.nl W3C-html-4.01-valid



web counter